Cévennes-Aveyron 12-27
okt 2021
Gebruikte lektuur en apps .
Ballades nature dans le parc nationale de
Cévennes isbn 2-84640-028-8
Met de camper door Frankrijk Michelin isbn
978-90-209-7557-4
Atlas en kaarten Michelin
Ign kaart van de regio
Languedoc-Roussillon Marco Polo isbn
978-3-8297-5811-6
Languedoc Cévennen en Tarn Domenicus isbn
978-90-257-5223-1
App campercontact ( afkorting cc in
routeschema )
France Passion ( fp )
P4Night ( p4n )
Info verkregen door de verschillende toeristische
diensten .
Reisschema .
|
Van |
Naar |
Km |
Ol |
Nb |
Vorm |
|
Kortrijk |
Nogent |
408 |
47.84096 |
002.74070 |
Cc |
|
|
Lac du charpal |
474 |
44.62367 |
003.56057 |
P4n |
|
|
Mende |
25 |
44.52126 |
003.49647 |
Cc |
|
|
Chassezac |
115 |
44.48328 |
003.93408 |
P4n |
|
|
Génolhac |
30 |
44.34310 |
003.96089 |
Cc |
|
|
Barre-les-cévennes |
123 |
44.24213 |
003.65922 |
Camping |
|
|
Aven-armand |
91 |
44.22195 |
003.35598 |
Cc |
|
|
Saint-sauveur-camprieu |
95 |
44.11439 |
003.49097 |
Cc |
|
|
L’hom |
35 |
44.22447 |
003.51432 |
f.p. |
|
|
Saint-eulalie de cernon |
145 |
43.98521 |
003.13827 |
Cc |
|
|
Sylvanés |
50 |
43.81498 |
002.95214 |
f.p. |
|
|
Camarés |
90 |
43.81714 |
002.87977 |
Cc |
|
|
Blesle |
279 |
45.31743 |
003.17425 |
Cc |
|
|
Beine |
370 |
47.82130 |
003.71791 |
Cc |
|
|
Lac du der |
163 |
48.56784 |
004.70331 |
Cc |
|
|
Kortrijk |
360 |
|
|
|
Reisverslag .
We besluiten om in 2 dagen naar de Cévennes te rijden .De
eerste dag rijden we via Lille , Arras , Beaumont , over de Franciliène ,via
Monfragis naar Nogent waar een mooie camperplaats is even buiten het dorp aan
een klein meertje . Ideaal als tussenstop .
Na een heerlijke stille nacht rijden we richting Mende .Via
Clermont-Ferrand ,de gratis autostrade ,komen we bij Mende terecht aan het Lac
de Charpal , waar een mooie plaats is op de tweede parking , de camperbordjes volgen
. Het is er rustiger dan op de eerste parking .
Mooie plaats aan de boorden van het meer , waar je een mooie
rondwandeling kan maken .Dit is het eerste punt de volgende morgen .De
wandeling staat aangeduid als 9 km lang , gemakkelijk .
Na een nacht met nachtvorst , beginnen we de dag met de mooie
wandeling rond het meer .De wandeling is goed aangeduid .
Na de frisse deugddoende wandeling rijden we naar Mende .Daar
parkeren we op de camperplaats midden in de stad , gedeelte van de parking die
enkel voor de campers toegelaten is .Het is er zeer druk , maar ,als je
parkeert langs de rivierzijde , kun je ook buiten zitten tussen camper en riviertje
.
In de toeristische dienst krijgen we veel info over de streek
en ook een mooie stadswandeling aangeboden . Mende is een middeleeuws stadje ,
dat leuk is om er eens in rond te wandelen , aan de hand van de brochure , maar
meer ook niet .
We kopen brood in een plaatselijke bakkerij en zetten de
tocht verder naar Col de Feniels , waar we een mooie rondwandeling doen .
Sentier de la Pélouze .De wandeling naar de top is ong. 4 km ,
Wij nemen een verkeerde terugweg en doen ongeveer 6 km . Geen
nood echter , het is er zeer prachtig , een aanrader .
De top van de berg is 1700 m .Boven heb je schitterende vergezichten
, met panoramatafels om te duiden wat je ziet .
Na deze mooie ervaring rijden we naar Chassezac , waar een
mooie camperplaats is met zicht op het stadje Le – Garde – Guérin.
Van op de parkeerplaats kan je een mooie wandeling maken naar
de schitterende belvedères , met fantastische zichten op de kloof van de rivier
. Via de gr wandelen we dan een binnenweggetje tussen de kastanjebomen naar La
– Garde – Guérin .Het is een verlaten middeleeuws stadje , dat , denken we , enkel in het toeristisch seizoen bruist van
de activiteiten . Toen wij hier waren was er haast niemand . Slechts één
winkeltje annex café was open . We konden alles zeer goed en zeer rustig
bekijken .Langs het gr weggetje kan je ook een oude veedrenkplaats zien aan een
bronnetje .
Na een heerlijke nacht op een zeer mooie camperplaats ,
rijden we naar Génolhac . We doen er inkopen op een plaatselijke markt , en in
het toeristeninfo bureau krijgen we degelijke uitleg over de streek .We doen
een 11 km lange rondwandeling van uit Génolhac , le sentier de la coste .De
wandeling is perfect aangeduid met gele tekens . Een steile klim aan begin en
einde van de tocht zijn de enige moeilijkheden . Wel zijn de mooie vergezichten
op de top een mooie beloning voor de inspanningen . Er is een camperplaats in het stadje zelf ,
maar we verkiezen naar de veel betere plaats bij een F.P. in Génolhac .
Mooie plaatsen met uitzicht over de velden . Rond 18 uur komt
de eigenaar , mr Alain Cayroche , eens kijken en stelt hij zijn winkeltje voor
.Wij kopen een potje honing .
Via Alès – Anduze en St Jean de Garde rijden we de corniche
des Cévennes . Ter hoogte van de col St Pierre ( 597 m ) doen we een korte
wandeling naar een oriëntatiepunt .
Verder naar Saint-Laurent de Trêves , waar er dinosporen te
zien zouden zijn . We willen er een
wandeling van 5 km maken , maar nemen 2 maal de verkeerde weg en geven er dan
maar de brui aan .
Terug aan de parking bij het kerkje ( N 44.27106---O
003.60381 ) zien we gele bordjes met de verwijzing naar de sporen .Het is amper
400 meter wandelen van de parking . De dinosporen zijn wel duidelijk te zien ,
we hebben toch iets gehad voor onze moeite .
We rijden verder naar de camping in Barre – les – Cévennes (
12.8 euro ,2 pers ,geen electriciteit , wel wifi ) . Na een deugddoende douche
wandelen we nog even rond in dit langgerekt dorpje .
Het is leuk om er te wandelen , met vele verborgen doorgangen
naar straatjes en tuintjes . Bezoek meer dan waard .
Na koude nacht , rijden we in mistig weer naar Florac , een
klein levendig stadje . In de toeristische dienst krijgen we een interessante
stadswandeling .Florac , is net als vele plaatsjes in de regio , middeleeuws .
We doen er ook inkopen en tanken aan een supermarkt .Verder
gaat de tocht naar Isphagnac waar we een menhir wandeling doen , startpunt ( N
44.41898 – O 003.59252 ) . De perfect bewegwijzerde wandeling doet je vele
menhirs op het wisselende parcours ontdekken .Via St Enimie en de Gorges du
Tarn rijden we naar de parking van de grotten van Aven – Armand , waar het toegelaten
is te overnachten , ook is het toilet er dag en nacht geopend .
Via Meyrueis rijden we langs de schitterende Gorge de la
Jonte .We waren er praktisch alleen en konden heel gezapig rijdend van de
schone bergkloof genieten , zonder stress van ander verkeer .
Langs de kloof is er een mooi gierencentrum , dat jammer
genoeg tijdens ons bezoek gesloten was door onderhoudswerken .
We doen eens aan autosightseeing .Nabij Veyreau bezoeken we
een verlaten kerkje , Saint Jean des Balmes , in de cause noir ( N44.17184—O
003.24526 ) . Van buiten zou je denken dat het kerkje nog helemaal intact is ,
maar schijn bedriegt .Enkel de muren en de klokkentoren staan nog overeind .Van
boven op de toren heb je een mooi uitzicht over de streek . Iets verder
bezoeken we de grotten van Bramabiau ( N 44.12359—O 003.47713 ) .10 euro per
persoon met gids .We waren de enige bezoekers dat tijdstip en hadden de gids
voor ons alleen .We volgen deels de weg
van een ondergrondse rivier , met soms spectaculaire gewaarwordingen .
De gids was nogal luidruchtig en eerder “ boers “ ,daarom
gaven we hem geen fooi zoals gevraagd werd met een affiche in de grot .
Dat ontlokte de kreet “touristes de merde “ aan onze gids .
Iets verderop is er een mooie camperplaats aan een klein
meertje in Saint – Sauveur – Camprieu ) Wc en drinkbaar water beschikbaar .
Er zijn 3 mooi afgebakende plaatsen .Van daar uit zijn er
mooie wandelingen te maken , maar door het mindere weer zagen wij daar van af .
De plaats is op 1111 m hoogte gelegen .
Na alweer een koude nacht wandelen we naar het dorpje , waar
een kleine , goedkope buurtwinkel is dicht bij de sporthal .We kopen er onder
andere lekker paddenstoelen .
In een bedrukte lucht rijden we naar de Col de Perjuret , en
verder tot l’Hom .Daar kunnen we terecht bij F.P. Bernard Tuc .
We doen er een prachtige goed aangeduide wandeling door de
rotsformaties van Nîmes – le – Vieux . Zeker de moeite . In de vooravond doen
we nog een kleine wandeling naar Le Veygalier , na een uurtje terug aan de
camper .
Na een ware stormnacht met wind en regen rijden we naar Mont
Aigoual ( 1567 m ) , waar een weerstation is en waar er vele wandelingen
starten . We hadden tegenslag , toen we boven kwamen was de berg volledig in de
mist en er was een ware stormwind , zodat we besloten om er niet te blijven .
We rijden vervolgens langs de zeer mooie Gorges en cañon van
de Doubie .Via Millau rijden we dan verder naar Roquefort , waar we aan de toeristische
dienst parkeren .In de dienst krijgen we mooie info over de Aveyron , en over
hetgeen in Roquefort te zien is .
Het beste is te parkeren aan de dienst , en niet met de auto
in het stadje zelf te rijden .
We bezoeken de Papillon kaasmakerij . Het is een zeer
indrukwekkende gratis rondleiding in deze kaasmakerij . Vooral de procedure om
de “gistchampignons “ te kweken is zeer merkwaardig . Ze bakken broden in een
houtoven , en bakken ze tot ze geblakerd zijn , ze brengen de zwam in , en
laten die dan hun werk doen .De zwarte korst verwijderen ze , en het witte
kruim , met zwammen , wordt vermalen om te gebruiken bij de volgende
kaasproducties .
In de winkel kopen we de variëteit met zwarte wikkel , omdat
die smaak bij de proeverij voordien ons best lag .
We eindigen de dag op de betalende (9.5 euro ) camperplaats
bij Sainte- Eulalie –de – Cernon .In die prijs is elektriciteit , douche en
wifi inbegrepen . Als je zoals wijzelf geen douche hebt in de camper is dit
mooi meegenomen . We doen nog een korte avondwandeling in het dorpje met
indrukwekkende gebouwen uit de Tempelierstijd ( 12-13 de eeuw ) .
In de mist en de regen beginnen we aan een plaatselijke
wandeling , maar geven er na 2 km de brui aan .Weinig plezierig te wandelen in
deze weersomstandigheden .Door de mist was er ook niets te zien van het
landschap .
Na nog een kort bezoek aan het stadje , en de camper in orde
brengen , rijden we tot aan de zeer mooie abdij van Sylvanès .
3 euro p/p .Zeker te bezoeken als je in de buurt bent .De
kerk van de abdij is totaal intact , niet gerestaureerd , wel opgepoetst
natuurlijk .
Datering 12-13 de eeuw .Ook de sacristie en het scriptorium
zijn zeker de moeite waard . Je kan ook overnachten op de parking van de site ,
maar het is recht tegenover een geopend restaurant , en als je er niet gaat
eten is het een beetje kies om er te overnachten .
Tweede halte is het houten Russisch kerkje hoog in de heuvel
en in de bossen . ( N 43.82313 – O 002.96928 ) De kerk is moeilijk bereikbaar
met de wagen , zeer slechte weg . Het is beter halfweg de wagen te parkeren ,
en te voet omhoog gaan . Voor ons was het niet echt de moeite om tot aan het
kerkje te rijden .
We eindigen bij de fam Dressayre , die een hoeve uitbaten
halfwef Sylvanès en Camarès . Ze zijn lid van F.P .
We kunnen overnachten op een weide bij de boerderij , met
veel ruimte . We voelen er ons beter dan op een parking langs een openbare weg
. In de boerderij kun je plaatselijke producten kopen , zoals groenten , vlees
, confituur , honing , likeur…
Na een ijskoude nacht rijden we tot Camarès , waar we de
wagen parkeren op een parkeerterrein naast de mooie camper overnachtingsplaats
. We wandelen naar het dorp , dat uit twee delen bestaat . Het bovenste deel
wordt gedomineerd door een groot wit standbeeld en een grote kerk .Wij wandelen
er even rond en dalen dan af naar het deel aan de rivier , het “modernere” stuk
.
We doen er enkele inkopen en gaan terug naar de camper .
In de bakkerij kregen we info van waar we de rougiers de
Camarès konden vinden .
Op de kleine parking ( N 43.84822—O 002.89949 ) vinden we nog
een plaatsje en doen een mooie wandeling door de rode rotsen .Ze doen een
beetje denken aan Les Ocres de Roussillon. We kunnen in de kleine kloofjes
wandelen , klein maar fijn gebied .
Daarna rondrit in de streek met passages aan het kasteel van
Montaigut ( N 43.88857—O 002.88254 ) Voor 8 euro kan je dorp en kasteel
bezoeken , wat wij niet deden .
We vervolgen onze weg via St Afrique ,naar St Vincent (N
43.81877—O 002.87977 ) waar we een korte menhirwandeling deden . De menhirs die
je ziet zijn wel replica’s .
Als stop rijden we terug naar Camarès waar we op de
camperplek zullen overnachten . Rond 18 uur komt een gemeentebediende de 5 euro
innen voor de overnachting . Er is een koude douche , een toilet en mogelijkheden
om water te lozen en bij te vullen .
Na alweer een koude nacht rijden we eerst naar het
nabijgelegen Gissac(N 43.84851—O 002.92913 ) .We doen er een korte wandeling
naar een kapelletje , verder kun je wandelen tot in les rougiers de Camarès .
Wij keren langs een andere weg terug naar de wagen . Dan via Versols naar
Lapeyre ( N 43.89796—O 002.91186 ) , waar de dochter van Lord Beyron begraven
ligt . Er is een kleine parking aan het kerkhofje . We trekken verder naar het
middeleeuwse stadje La Couvertoirade .( N 43.89796—O 002.91186 ) Voor de
parking betaal je 4 euro , waarvoor je ook kunt overnachten op deze plaats .
Indien je overnacht best enkel parkingticket kopen aan de machines wanneer je
de parking verlaat na de overnachting .
Zoals zo veel plaatsjes in de streek is het een middeleeuws
dorp , met de nodige animatie en souvenirwinkels ; na enkele dorpjes hadden we
het ook wel gezien . Als je het stadje bezoekt , is het best rond 17 uur aan te
komen , bezoeken , overnachten , betalen en vertrekken .
We besluiten huiswaarts te keren , via Lac du Der , waar we
de kraanvogels willen zien .
Via de brug van Millau (13.4 euro) en de gratis autosnelweg rijden we tot Blesle ( N 45.743—O 003.17425 )
,waar een kleine maar mooie camperplaats is , even buiten het dorp .
Via Clermont Ferrand , Moulins en Auxerre rijden we richting
Troyes .
Daar het nog redelijk ver is naar Lac du Der , stoppen we in
Beine , (N 47.82130—O 003.71791 ) waar
een prachtige overnachtingsplaats is op een Chablis wijndomein .Mooie afgescheiden
plaatsen , water en elektriciteit aanwezig , ook toilet en douche mag je vrij
gebruiken . We willen in de vooravond het kurkentrekkermuseum bezoeken , die
bij het domein hoort , maar het was uitzonderlijk gesloten . We stellen het
bezoek dan maar uit tot de volgende morgen .
Rond 9 uur bezoeken we dan het museum , we waren verbaasd dat
er zoveel verschillende wijnopeners waren , ook andere artefacten van de
druiventeelt kwamen aan bod . Natuurlijk kopen we enkele flessen heerlijke
Chablis .
Nu is het tijd om ons jaarlijks bezoek aan Lac du Der te
brengen ( N48.56784—O 004.70331 ) .
We kwamen aan om 12 uur en waren blij nog een plaatsje te
vinden .Omdat het schoolvakantie was in Frankrijk , mooi weer en de terugkeer
van de kraanvogels was de camperplaats vlug volzet .Normaal is het 6 euro ,
maar het inkomtoestel was kapot , en konden we gratis verblijven .
Na het middagmaal doen we een wandeling langs de
verschillende meren ( geel-zwart ) aangeduid , van 7 km .Onderweg zien we veel
kraanvogels , een roedel hertjes , en
een grote beverrat .
’s Avonds bewonderen we de terugkeer van de vogels naar het
meer .
Er werden er 30.000 geteld , de vogels waren nog niet
allemaal aangekomen van het noorden , wij zagen er ooit eens 100.000 )
Lac du Der is de tussenstop van de trek van de kraanvogels
tussen het noorden en Spanje .
’s Morgens rond 7 uur staan we al aan de vijver om het
vertrek van de foeragerende vogels te bewonderen . Indrukwekkend , met de
verkleurde lucht door de zonsopgang , en het gekwetter van al die vogels die in
grote V formaties de landerijen gaan opzoeken .
Wat een schitterend spektakel , om emotioneel van te worden .
Laatste etappe van deze reis , richting Kortrijk met
middagpauze in Corbény , waar we regelmatig komen .
Geen opmerkingen:
Een reactie posten