woensdag 4 februari 2026

Oman jan 2016

Oman Na lang overleggen besluiten we in het voorjaar van 2026 naar Oman te reizen. We willen het triestige winterweer van onze streek even achter ons laten en zoeken een aangenaam landklimaat. Dat vind je de winter zeker in Oman. We verwachten temperaturen van om en bij de 25 graden. ’s Zomers is de temperatuur hier soms tot 45 à 50 graden Celsius, ook niet voor ons dus. Oman, officieel het Sultanaat Oman, is gelegen in Zuidwest-Azië , aan de zuidoost kant van het Arabische schiereiland. De Verenigde Arabische Emiraten, Saoedi-Arabië en Jemen zijn de buurlanden van het land. De golf van Oman vormt ook de grens met Iran. Het land is 309 500 km² groot en heeft een kleine drie miljoen. De hoofdstad is Muscat, de munteenheid Omaanse Rial (1 rial is ong.2 euro), Arabisch is de landstaal en 82 procent van de bevolking is Moslim. Ter vergelijking: Vlaanderen is 13 700 km² groot en telt ongeveer 7 miljoen inwoners. Oman is een land dat zijn rijkdom vooral aan olie dankt. In 1962 werd er olie gevonden in commerciële hoeveelheden. De toenmalige heerser Said bin Taimur (1932-1970) wilde het oliegeld vooral gebruiken voor eigen profijt. Zijn zoon Qabous bin Said al Bu Said (1940-2020) was daar echter niet mee akkoord en met hulp van de Britten pleegde hij een staatsgreep in 1970. Eenmaal aan de macht investeerde hij een groot deel van het geld in eigen land en bevolking, zonder te vergeten zichzelf te verrijken natuurlijk. Onder zijn bewind werden er moskeeën, musea, wegen en dammen gebouwd. De bevolking kreeg gratis onderwijs en ziekenzorg. Voorbeelden zijn de grote moskee, het nationaal museum en het nationaal theater. Ook krijgt ieder Omani die wil bouwen gratis grond van de regering. Erna plant de reis tot in detail op voorhand. Ze boekte de vluchten, hotels en wagen. Alles was klaar om te vertrekken op 20 januari. We reisden probleemloos met de trein naar Schiphol, waar we Tim ontmoeten. Enkele uurtjes later stijgen we op richting het redelijk onbekende. Rond 7 uur ’s ochtends plaatselijke tijd (in België is het dan 4 uur ’s nachts) landen we veilig in Muscat. Na een redelijk vlotte bagageafhandeling, kopen we een Omaanse simkaart en halen het maximaal toegestane Rial (300, zo’n 660 Euro) af aan een geldautomaat. Met een taxi rijden we naar het eerste hotel van deze reis aan de rand van Muscat. We mogen de bagage achterlaten in de lobby van het hotel . We hadden gelezen dat het interessant was om de “ootaxi app” (een soort Omaanse uber) te gebruiken in de stad. Tim werd aangesteld als IT-er. Na het installeren van de app is het tijd om onze eerste taxirit te bestellen. Alles gaat zeer vlot en voor 2 Rial (4 Euro) worden we naar de grote moskee in Muscat gebracht. We bezoeken de moskee direct bij aankomst omdat die enkel in de voormiddag te bezoeken is. De werken aan de Sultan Qaboos moskee begonnen in 1992 en werden voltooid rond 2015. De officiële opening was in 2016. De immense moskee werd gebouwd met 300.000 ton Indische zandsteen. De gebedsruimte meet 74.4 op 74.4 meter met een centrale koepel van 50 meter hoog. De vier minaretten hebben een hoogte van 45.5 meter. Binnen is plaats voor 6500 mannelijke gelovigen en er is ook een gebedsruimte voor 750 vrouwen. Het reusachtige tapijt heeft 1.700.000 knopen en weegt 21 ton. Het 70x60 meter grote tapijt weegt 21 ton en er werd vier jaar aan gewerkt. In de koepel hangt een enorme acht ton zware kroonluchter met 1112 lampen van Swarowski-kristallen. Het begint redelijk warm te worden en we nemen een taxi naar de zee waar we in het restaurant Café Farah brunchen. Met zicht op de Perzische golf genieten we volop van de Omaanse gerechten. Op het strand vinden we mooie schelpen en stukjes koraal. Het is zo warm dat we ons per taxi laten voeren naar een vier kilometer verder gelegen park in de hoop er schaduwplaatsjes te vinden om te rusten. Helaas, we vonden weinig bomen en nog minder schaduw. Door een verkeerde Omaanse tip maken we een nodeloze wandeling in de voor ons verzengende hitte. Gelukkig mogen we plaatsnemen in een klein prieeltje waar een Omaanse vrouw en haar kind thee dronken. Hier maakten we voor de eerste keer de gastvrijheid van de Omanieten mee. We kregen zonder vragen een deugddoend kopje thee. Tijd voor een korte siësta, dachten we. Onze kamer kon echter niet op slot en de lavabo functioneerde niet naar behoren. Ik meldde dat aan de receptie en 5 minuten later kregen we een luxueuzere kamer aangeboden. Wat een service! Met de taxi rijden we ‘s avonds naar het Qurum Natural park waar er een groot lichtspektakel plaatsvond. Ietwat te vergelijken met de feeërieke verlichting in de Gavers en de grote steden bij ons. Erna en ikzelf moeten niet betalen (want 70 plus!) Tim betaalt 1.8 rial (vier Euro). We twijfelden of we wel binnen zouden gaan maar gelukkig besloten we het toch maar te doen. Het was een indrukwekkend gebeuren met lasershows, acrobaten, orkesten, muziek en dans, alles in een fancy fair achtige setting. Overal zijn er eetstalletjes van verschillende landen, waaronder Spanje, Frankrijk, USA. We eten iets Pakistaans en betalen een habbekrats. Na enkele uurtjes hebben we het ook wel gehad en gaan terug naar “huis” met de taxi. Door slaaptekort en tijdsverschil kruipen we vroeg in ons “nest” na een lange, vermoeiende maar ook aangename eerste vakantiedag. Na een goede nachtrust en idem dito ontbijt trekken we naar het oude stadsgedeelte van Muscat, aan de haven en de vismijn. Ons doel is de soek te verkennen, een overdekte markt. Vroeger diende de soek als hub om de waren van overzeese gebieden zoals China, India en Europa verder te distribueren in het Midden Oosten. De soek is een doolhof van kleine steegjes en pleintjes waar je letterlijk van alles kunt kopen gaande van kledij over juwelen tot specerijen. Noem het en het is er te koop. We worden voortdurend aangesproken door de handelaren die meestal uit India of Bangladesh komen om toch maar binnen te gaan in hun winkeltje. Agressief zijn ze wel niet maar toch redelijk vervelend. Aan een kraampje koot Erna een shawl in haar favoriete kleur, ik ding toch met succes iets af van de prijs. Na een uurtje zijn we het beu en wandelen we langs de zeedijk tot aan het nationaal museum. Het enorme museum werd ingehuldigd op 30 juli 2016 en heeft een oppervlakte van 13.700 km². Er zijn 14 permanente galerijen en nog enkele bedoeld voor tijdelijke tentoonstellingen. Hoewel het een mooie collectie is en je veel kunt leren over de Omani, is dit museum toch niet mijn ding. Wel kijk ik vol bewondering naar een kleitablet met spijkerschrift en naar de vele munten. Erna is gefascineerd door de handgeknoopte tapijten. Bij het binnenkomen had ik gezien dat plus 70 jarigen gratis binnen mogen. Aan de kassa zegde ik trots: “twee 70 jarigen en 1 volwassenen”. Daarop antwoordde de bediende prompt dat dat enkel geldig voor Omani. Na nog wat over en weer gepraat zegde de jongedame al lachend: “veel plezier in het museum strange man. Recht tegenover het museum ligt het megalomane, lelijke koninklijk paleis. Het doet ons denken aan architectuur van de Roemeense communistische oud-dictator Ceaușescu. Met de taxi gaan we terug naar de oude stad, het werd te warm om terug te wandelen. In het “typische” Omaanse restaurant Bait al Lubin nemen we alle drie een ander hoofdgerecht en kunnen zo van verschillende streekgerechten proeven. Het ene is al beter dan het andere. Voor 3x voorgerecht ; 3x hoofdgerecht en 2x dessert plus water betalen we 45 Rial (Ongeveer 90 Euro) Na een nacht vol straatlawaai is het tijd om uit te checken en de auto af te halen in de luchthaven. Die hadden we gereserveerd om 11 uur en we kregen de wagen dan ook geen minuut eerder. De enorm norse, onvriendelijke baliemedewerkster behandelde ons als, ja als wat… De bediende aan het afhaalpunt echter was zeer beleefd en behulpzaam. Geduldig legde hij ongeveer alles uit. Uitermate nerveus vertrokken we richting Sur, een stad en landsdeel in het Oosten van Oman. Het begon al goed: we kregen de slagboom niet omhoog en moesten al hulp inroepen via een praatpaal. Gelukkig wist Tim hoe hij zijn telefoon kon koppelen met de auto en zijn google map instellen als gps. Rond Sur doen we een eerste halte om er een wandeling te maken in een wadi, een soort oase in een canyon die regen- of smeltwater opvangt en tijdelijk buffert. We vinden nog een parkeerplaatsje in de schaduw van de brug, het was er zeer druk. We moesten eerst met een klein bootje de rivier oversteken en dan een 45 minuten gemakkelijke wandeling in de kloof. Werkelijk spectaculair. We zien ook de Egyptische gier en een valk. Het was mogelijk te zwemmen in de verschillende poelen in de wadi. We vervolgen weg 17 door het drukke uitgestrekte Sur en komen rond 18 uur aan op ons volgend verblijf.We worden zeer vriendelijk ontvangen in het guesthouse Turtle Guest House in Ras al Jinz, aan het meest oostelijke puntje van het Arabische schiereiland. Gelukkig hadden we avondeten bij geboekt want er was daar niets buiten het hotel en het natuurcentrum. We krijgen een ruime driepersoons kamer en kunnen avondmalen met een Indische familie. Zelfs lekkere frietjes stonden op het menu. Erna en Tim schreven in om mee te gaan naar een schildpaddenwandeling in het natuurcentrum, ik paste omdat ik te moe was van die stresserende eerste autodag . Te voet trokken de twee naar het 500 meter verder gelegen centrum, maar kwamen direct terug. Te veel volk om naar enkele schildpadden te kijken. Ze hadden gelijk, de Indiërs vertelden later dat ze amper één schildpadje gezien hadden. Na een goed ontbijt wandelen we naar het schildpaddenreservaat. We betalen 2 Rial (vier Euro) ingang en wandelen op het strand waar we verschillende schildpaddensporen en eierschalen vonden. In 1996 werd er 120 km² ingericht als reservaat om de naar schatting 20.000 groen zeeschildpadden te beschermen. Het reservaat omvat twee lagunes: Knaus al Hazar en Khaur Jamara. Er zijn ook talloze archeologische vindplaatsen in het gebied waaronder een kleine 350 graven. Na uitschrijven op naar de volgende bestemming: een tentenkamp in de zandwoestijn. Onderweg houden we tussenstop in de Wadi Bani Khalio-oase. Het was een mooie bergrit ernaar toe en in de oase is er mogelijkheid tot zwemmen. Overal staan er kleine tentjes om te verkleden. Jammergenoeg is dit schitterende natuurfenomeen een drukke toeristische bedoening geworden met aangelegde betonnen paadjes en eethuisjes. Kortom: goed om het eens te zien en er dan zo rap mogelijk weer vandaan. Onderweg naar de zandwoestijn tanken we voor de eerste maal. Benzine kost 0.239 Rial per liter: ongeveer een halve euro dus. Via een lange autostraderit, gevolgd door een korte woestijnpiste met geribbeld hard zand, komen we aan op het tentenkamp. We slapen in een grote tent die is voorzien van alle comfort die we nodig hebben. We boeken een jeep rit om de zonsondergang in de woestijn mee te maken. We doen aan “duinsurfen” met de jeep , natuurlijk doet de chauffeur er nog een schepje bovenop maar we genieten er toch wel van. De okerrode zandduinen zijn tot wel 200 meter hoog. Onze chauffeur Mohammed toont ons hoe de Omanieten koffie zetten, met koffie uit een ander land, en vertelt over zijn leven en over de gewoontes en zeden van de streek. ‘s Avonds is er, zoals gewoonlijk in de hotels, buffet avondmaal. We zijn weer een nieuwe ervaring rijker . Na een goed ontbijt vertrekken we voor een lange autorit naar de hangende terrassen in Al’Aqar. Onderweg moeten we langs een steile weg waar 4x4 aangewezen is. Op een bepaalde plaats staat er politie om identiteit van de passanten op te nemen en om te controleren of je wel degelijk 4x4 hebt. Onderweg houden we verschillende keer halt om van het landschap te genieten en om een sanitaire stop te houden in een moskeetje ergens halfweg de route . Rond 14 uur zijn we in ons hotel Al Jabal Al Akhd hotel. We worden verwelkomd met de obligate thee en dadels. Na een korte wandeling in het gehuchtje gaan we naar het terras om de zonsondergang te zien. Ongelukkiger wijze waren er veel wolken en viel het zonnespektakel ietwat tegen. Opnieuw avondmaal in buffet vorm. De hangende terrassen waaraan landbouw wordt gedaan zijn Unesco-werelderfgoed. De lokale irrigatiekanalen, de Falaj, worden tot op heden nog gebruikt om de terrasjes te bevloeien. Men kweekt er verschillende groenten en ook is er plaats voor dadel-, sinaas- en citrusbomen. Na het ontbijt doen we een goed aangeduide rood-geelwandeling door twee dorpjes die zeer armoedig lijken. Tot voor kort was er zelfs geen elektriciteit. Onderweg zien we durvers een via ferrata doen op de steile klippen. Tegen de middag terug aan hotel. Na een uurtje rust doen we nog een wandeling naar een rotsplateau vanwaar je een mooi uitzicht hebt over de terrassen. De rotsen zijn rijk aan fossielen, ik kan er een kleine inktvis vinden, helaas in een te grote steen om mee te nemen. Erna en Tim gaan nog naar een uitkijkpunt waar wijlen prinses Diana nog gestaan heeft, ik ga naar het terras om te rusten. Ik was moe van het vele autorijden de laatste dagen. Ons volgend doel is de fameuze balcony walk in de Omaanse versie van de Grand Canyon. Eerst rijden we naar Fort Bahla, een van de historische hoogtepunten in Oman. Het fort werd gebouwd in de 12de tot 15de eeuw en diende ter verdediging van de nabijgelegen oase. Wij wandelen rond het enorme lemen kasteel omdat we gelezen hadden dat er binnen de muren bitter weinig te zien was. Nu nog zijn er resten te zien van de 13 km lange stadsmuur. Het fort is ook Unesco-werelderfgoed . Via een zeer, maar dan ook zéér slechte aardeweg (door wegenwerkzaamheden) en op 4x4-kracht komen we aan op het beginpunt van de canyonwandeling. Die ligt in het Hadjargebergte en heeft als hoogste top de Jebel Shans van 3000 meter. We doen een 45 minuten lange wandeling tot aan een tweede uitkijkpunt en genieten van dit indrukwekkende natuurfenomeen. Het is een gemakkelijke wandeling op een pad langs de rotswand van Wadi Gull, op 2000 meter boven de zeespiegel. Op de terugweg zien we de witte Egyptische gieren van zo dichtbij dat we duidelijk de kale kop kunnen zien. Weeral was er redelijk veel volk op deze toeristische pleisterplek. Met een beetje “angst” vatten we de terugtocht aan, schrik dat er iets zou gebeuren met de huurauto maar alles verliep redelijk vlot. De weg was namelijk geen verrassing meer zoals in het omhoog rijden. Na nog een uurtje op goede wegen komen we aan in Mizfah al Abriyeen waar ons hotel is: het Mizfah Hospital Inn. We krijgen een mooie kamer met balkon en zicht op de bergen en op de kasteelruïne van Rohan Castle. Mizfah ligt in een oase met veel palmbomen en wadi’s en is omgeven door redelijk hoge bergen. We moeten de wagen op enkele honderd meter van het hotel zetten omdat het haast onmogelijk is het dorpje binnen te rijden: zeer nauwe straatjes, steil en druk, druk, druk. Avondmaal in buffetvorm met zoals altijd keuze uit verschillende streekgerechten. Ook ontbijt idem dito. Na een copieus ontbijt doen we een schitterende wandeling naar een bron van de wadi en vervolgen de tocht nog een uurtje verder diep de canyon in. Weerom petje af voor de natuurpracht. Na een korte siësta doen we nog een wandelingetje tussen de palmbomen en de falaj. In de vooravond gaan we mee op een geleid bezoek in het museum van de eigenaar van het hotel. Het was zeer interessant om te zien en te begrijpen hoe de Omani vroeger leefden en hoe alles evolueerde tot de huidige moderne toestand. Ik word er nog in de traditionele kledij gezet, een wit kleed – een dishdasha - met geparfumeerde kwast en een massar op mijn hoofd, een soort sjaal. Alles afgewerkt met een geweer als accessoire. Eentje voor het nageslacht dus. Een ander traditioneel hoedje in Oman is een kumma, mutsje met verschillende patronen en kleuren, een zeer gegeerd souvenir voor velen. Onderweg naar Nizwa bezoeken we eerst het kasteel van Jabreen. Onze gids neemt ons mee door dit mooie kasteel dat slechts eenmaal bewoond werd door de bouwer in 1692. Imam Bil’Arab bin was sultan van de Yaruba-dynastie en regeerde toen over de streek. Hij woonde in zijn kasteel en werd er ook begraven. Vooral opvallend zijn de vele beschilderde originele plafonds, de rechtszaal, de lage kerkers voor mannen en de ietwat hogere cellen voor vrouwen. Er was zelfs een speciale kamer voor zijn paard! De sultan had slechts één vrouw. Nog een ander leuk weetje: in de rechtszaal was er een verborgen plaats waar de soldaten verbleven zodat ze te allen tijde konden ingrijpen moest het nodig zijn. Indrukwekkend zicht over de streek van op het vlaggenmastplatform. Ook interessant om te zien was het ingenieuze verluchtingssysteem zodat er constant een aangename temperatuur heerste in het slot. Wij waren redelijk vroeg aan het kasteel en konden in alle rust genieten van de rondleiding. Toen we terug naar de auto gingen, stond de parking reeds vol met bussen en wagens. Stilaan werd het tijd om naar Nizwa te rijden, waar we veel verwachten van het stadsbezoek, de geitenmarkt en de soek. Onderweg naar Nizwa gaat de wagen in een carwash, en dit voor 1.5 Rial (Drie Euro). Na het inchecken in hotel Al Diyar, eten we in het hotelrestaurant en nemen we een korte break. Met de taxi naar het oude centrum, waar we kuieren in de soek. De mensen zijn heel vriendelijk en helemaal niet opdringerig. We kopen er enkele souvenirs en specerijen en doen een wandeling op de oude vestingmuren . We eten in het restaurant van hotel Old Town op een terras met uitzicht over Nizwa.Ik eet er voor de eerste maal op deze reis dromedaris, lekker maar daarmee is ook alles gezegd. We betalen omgerekend 26 euro voor drie hoofdschotels en water. Terug naar hotel met de ootaxi. Om 6.30 staan we op, ontbijten we en gaan met de taxi terug naar Nizwa om de fameuze geiten- en dierenmarkt te zien. Die markt is nu een ware toeristenattractie geworden, maar toch nog echt. Je ziet er hoe de handelaren rondlopen met hun geiten en hoe ze luidruchtig onderhandelen. Het is een kleurrijk spektakel. Het is interessant om te zien hoe de verschillende stammen andere kledij hebben. Tegen de middag checken we uit en gaan terug naar Muscat voor onze laatste avond in Oman. We hebben geboekt in Studio M, een zeer goed hotel langs een drukke weg. In het restaurant eten we zelfs eens frietjes! Na een korte rust nemen we een taxi naar het operagebouw waar we een concert zullen bijwonen. Gelukkig gingen we vroeg genoeg op pad, want onze taxichauffeur vergiste zich van route, reed achteruit op een autostrade, lapte verkeersregels aan zijn laars, gebruikte pechstroken om abrupt in te voegen en zette ons niet aan de juiste ingang af. We slaakten een diepe zucht toen we konden uitstappen. Het operagebouw zelf was een gebouw in alle grandeur en luxe, de rijkdom van de Omanieten spat ervan af. Pech voor ons dat we op een vrijdag het gebouw bezoeken, want de bib en de tentoonstellingen waren niet open vanwege het vrijdaggebed. Zo mooi het gebouw was, zo abominabel was de opvoering. Eerst een pianoconcert van Liszt, door de naar het schijnt wereldberoemde pianiste Hélène Mercier samen met een andere pianist. Het was eerder een kakofonie dan een aangenaam hoorspel. Hélène sloeg verschillende malen de verkeerde toets aan, de andere pianist had moeite met zijn partituren op de iPad, speelde als een bezetene en toen moest het koor nog de negende van Beethoven zingen. Voor ons een complete ramp, ze raasden door het stuk aan een veel te vlug tempo. Het koor en pianisten zaten niet op dezelfde golflengte, sopraan te overheersend. Ik vond het kortom een verkrachting van Beethovens werk. Gelukkig was de terugrit naar het hotel van een andere orde, zoals een taxirit moest zijn. Na een uitgebreid ontbijt maken we de koffers klaar en trekken ruim op tijd naar de luchthaven. Natuurlijk nemen we een verkeerde ingang en moeten nog een toertje doen rond de luchthaven voor we de juiste plaats van inleveren vonden. Nu was er wel een beetje spanning. Was de wagen in orde? Hadden we een verkeersboete gekregen tijdens ons verblijf? Gelukkig bleek alles tiptop te zijn en konden we ons installeren voor enkele uren in de luchthaven. Tim had gevonden hoe we met een self scan konden inchecken en vroeg onze bagage konden afgeven. We geraakten zonder problemen door de douanecontrole en moesten dan nog enkele uren wachten op de vlucht. Alles perfect op tijd. Op Schiphol moesten we een uurtje wachten op de trein naar Antwerpen. We hadden toch opnieuw een beetje stress want de trein werd aangekondigd met enkele minuten vertraging en we hadden maar 10min in Antwerpen om de trein naar Kortrijk te nemen. Gelukkig hadden we tijd genoeg. Als kers op de taart moesten we via Deinze en Lichtervelde sporen om rond twintig voor één ‘s nachts aan te komen in Kortrijk. De trein is altijd een beetje reizen. Als besluit kunnen we zeggen dat Oman een ideaal vakantieland is om onze winter even te ontvluchten. Het is een zeer gemakkelijk bereisbaar land met vriendelijke mensen. Eens je er bent is het er niet zo duur, zijn er aangename temperaturen en enorm mooie landschappen. Alleen de cultuur die we kennen in het westen ontbrak een beetje, waarschijnlijk omdat we het niet kenden. Mooie 10-daagse gehad. Erna had alles tot in de puntjes geregeld, Tim deed het fantastisch als IT’er. Ik was chauffeur. Op vr 6 feb 2026 om 11:25 schreef rik devriese : Ok Op vr 6 feb. 2026 11:24 schreef Tim Devriese : Was te druk op werk gisteren, ik bekijk het nu! Op wo 4 feb 2026 om 17:53 schreef rik devriese : Oman Na lang overleggen besluiten we in het voorjaar van 2026 naar Oman te reizen .We willen het triestige winterweer van onze streek even achter ons laten , en zoeken een aardig landklimaat , dat in de winter zeker te vinden is in Oman , we verwachten temperaturen van om en bij 25 gr .’s Zomers is de temperatuur hier soms tot 45 à 50 gr Celsius , ook niet voor ons dus . Oman , officieel Sultanaat Oman is gelegen in Zuidwest Azië , aan de zuid oost kant van het Arabische schiereiland .Buurlanden zijn Verenigde Arabische Emiraten , Saoedi-Arabië en Jemen . De golf van Oman vormt ook de grens met Iran . 309500 km² groot , met een populatie van een kleine 3.000.000 inwoners .Hoofdstad Muscat , munteenheid Omaanse Rial (1 rial is ong.2 euro) ,Arabisch is de landstaal , en 82 procent is Moslim . Ter vergelijking , Vlaanderen is 13700 km² en telt ong. 7.000.000 inwoners . Oman is een land dat zijn rijkdom vooral aan olie dankt .In 1962 werd er olie gevonden in commerciële hoeveelheden .Said bin Taimur ( 1932-1970)de toenmalige heerser wilde het oliegeld vooral gebruiken voor eigen profijt .Zijn zoon echter , Qabous bin Said al Bu Said (1940-2020) was daar niet mee akkoord , en met hulp van de Britten pleegde hij een staatsgreep .Eenmaal aan de macht investeerde hij een groot deel van het geld in eigen land en bevolking , zonder te vergeten zichzelf te verrijken natuurlijk .Onder zijn bewind werden er moskeeën , musea , wegen en dammen gebouwd .De bevolking kreeg gratis onderwijs en ziekenzorg . Voorbeelden zijn de grote moskee , het nationaal museum en het nationaal theater . Ook krijgt ieder Omani , die wil bouwen gratis grond van de regering enz.enz. Erna plant de reis tot in detail op voorhand , vluchten geboekt , hotels en wagen geboekt en gereserveerd , alles is klaar om te vertrekken op 20 jan . Probleemloos met de trein naar Schiphol , waar we Tim ontmoeten . Enkele uurtjes later stijgen we op richting het redelijk onbekende . Rond 7 uur plaatselijke tijd ( in België is het dan 4 uur ’s nachts ) landen we veilig in Muscat . Na een redelijk vlotte bagageafhandeling , kopen we een Omaanse simkaart en helen het maximaal toegestane Rial(300 ) af aan een automaat . Met een taxi rijden we naar het eerste hotel van deze reis , in Muscat . We mogen de bagage achterlaten in de lobby van het hotel . We hadden gelezen dat het interessant was om de ootaxi app (Omaans uber ) te gebruiken . Tim werd aangesteld als it-er .Na installeren app is het tijd om onze eerste , taxi rit te bestellen .Alles gaat zeer vlot , en voor 2 Rial worden we naar de grote moskee in Muscat gebracht . We bezoeken de moskee direct bij aankomst omdat die enkel in de voormiddag te bezoeken is . De werken aan de Sultan Qaboors moskee begonnen in 1992 en werden voltooid rond 2015 .De officiële opening was in 2016 .De immense moskee werd gebouwd met 300.000 ton indische zandsteen .De gebedsruimte meet 74.4 op 74.4 meter , met een centrale koepel van 50 meter hoog .De 4 minaretten hebben een hoogte van 45.5 meter . Binnen is plaats voor 6500 mannelijke gelovigen , en er is ook een gebedsruimte voor 750 vrouwen .Het reusachtige tapijt heeft 1.700.000 knopen en weegt 21 ton . Het 70x60 meter grote tapijt weegt 21 ton en er werd 4 jaar aan gewerkt . In de koepel hangt een enorme , 8 ton zware kroonluchter met 1112 Swarowski kristallen lampen . Het begint redelijk warm te worden en we nemen een taxi naar de zee , waar we in het restaurant Café Farah brunchen .Met zicht op de Perzische golf genieten we volop van de Omaanse gerechten . Op het strand vinden we mooie schelpen en stukjes koraal . Het is zo warm dat we ons per taxi laten voeren naar een 4 km verder gelegen park , in de hoop er schaduwplaatsjes te vinden om te rusten . helaas , weinig bomen en nog minder schaduw .Door een verkeerde Omaanse tip maken we een nodeloze wandeling in de voor ons verzengende hitte . Gelukkig mogen we plaatsnemen in een klein prieeltje , waar een Omaanse vrouw en haar kind thee dronken . Hier maakten we voor de eerste keer de gastvrijheid van de Omanieten mee .We kregen , zonder vragen een deugddoend kopje thee . Tijd voor een korte siësta ,dachten we . Onze kamer kon echter niet op slot , en de lavabo functioneerde niet naar behoren . Ik meldde dat aan de receptie , en 5 minuten later kregen we een luxueuzere kamer aangeboden , wat een service ! . Met de taxi rijden we naar het Qurum Natural park , waar er een groot lichtspectakel plaatsvond . Ietwat te vergelijken met de feeërieke verlichting in de gavers en de grote steden bij ons .Erna en ikzelf moeten niet betalen , 70 plus , Tim betaalt 1.8 rial . We twijfelden of we wel binnen zouden gaan , maar gelukkig besloten we het toch maar te doen . Het was een indrukwekkend gebeuren met laser shows , acrobaten , orkesten muziek en dans , alles in een fancy fair achtige setting .Overal zijn er eetstalletjes van verschillende landen , waaronder Spanje , Frankrijk , Usa ….We eten iets Pakistaans en betalen een habbekrats . Na enkele uurtjes hebben we het ook wel gehad , en gaan terug naar “huis “ met de taxi . Door slaaptekort en tijdsverschil kruipen we vroeg in ons “nest” , na een lange , vermoeiende , maar ook aangename eerste vakantiedag . Na een goede nachtrust en idem dito ontbijt trekken we naar het oude stadsgedeelte van Muscat , aan de haven en de vismijn .Ons doel is de souk te verkennen . Vroeger diende de souk als hub om de waren van overzeese gebieden , zoals China , Indië en Europa , verder te distribueren in het midden oosten .De souk is een doolhof van kleine steegjes en pleintjes , waar je letterlijk van alles kunt kopen , gaande van kledij over juwelen tot specerijen . Noem het en het is te koop . We worden voortdurend aangesproken door de handelaren , die meestal uit Indië of Bangladesh komen om toch maar binnen te gaan in hun winkeltje .Aggressief zijn ze wel niet , maar toch redelijk vervelend .Aan een kraampje koot Erna een shawl in haar favoriete kleur , ik ding toch iets af van de prijs… Na een uurtje zijn we het beu , en wandelen we langs de zeedijk tot aan het nationaal museum . Het enorme museum werd ingehuldigd op 30 juli 2016 , en heeft een oppervlakte van 13.700 km² , Er zijn 14 permanente galerijen , en nog enkele voor tijdelijke tentoonstellingen .Hoewel het een mooie collectie is , en je veel kunt leren over de Omani , is dit toch niet mijn ding . Wel kijk ik vol bewondering naar een spijkerschrift tablet , en naar de vele munten . Erna is gefascineerd door de handgeknoopte tapijten… Bij het binnenkomen had ik gezien dat plus 70 jarigen gratis binnen mogen .Aan de kassa zegde ik trots , twee 70 jarigen en 1 volwassenen , waarop de bediende prompt antwoorde dat dit enkel geldig voor Omani , na nog wat over en weer gepraat zegde de jongedame , veel plezier in het museum strange man . Recht tegenover het museum ligt het megalomane , lelijke koninklijk paleis .Het doet ons denken aan Ceausescu . Met de taxi gaan we terug naar de oude stad , het werd te warm om terug te wandelen . In het “typische “ Omaanse restaurant Bait al Lubin nemen we alle drie een ander hoofdgerecht , en kunnen zo van verschillende streekgerechten proeven .Het ene al beter dan het andere .Voor 3x voorgerecht ; 3x hoofdgerecht en 2x dessert , plus water , betalen we 45 Rial ; ong.90 euro . Na een nacht vol straatlawaai , is het tijd om uit te chequen en de auto af te halen in de luchthaven . We hadden gereserveerd om 11 uur , en we kregen de wagen dan ook geen minuut eerder .De enorm norse , onvriendelijke balie medewerkster behandelde ons als , ja als wat… De bediende aan het afhaalpunt echter was zeer beleefd en behulpzaam .Geduldig legde hij ongeveer alles uit .Uitermate nerveus vertrokken we richting Sur .Het begon al goed , we kregen de slagboom niet omhoog , en moesten al hulp inroepen via een praatpaal . Gelukkig wist Tim hoe hij zijn telefoon kon koppelen met de auto , en zijn google map instellen als gps. Rond Sur doen we een eerste halte om er een wandeling te maken in een wadi .We vinden nog een parkeerplaatsje in de schaduw van de brug , het was er zeer druk . Eerst met een klein bootje de rivier oversteken , en dan een 45 minuten gemakkelijke wandeling in de kloof .Werkelijk spectaculair , we zien ook de Egyptische gier en een valk .Het was mogelijk ,te zwemmen in de verschillende poelen in de wadi . We vervolgen weg 17 door het drukke , uitgestrekte Sur , en komen rond 18 uur aan op ons volgend verblijf .We worden zeer vriendelijk ontvangen in het guesthouse Turtle Guest House in Ras al Jinz. Gelukkig hadden we avondeten bij geboekt , want er was daar niets buiten het hotel en het natuurcentrum .We krijgen een ruime driepersoons kamer , en kunnen avondmalen met een Indische familie .Zelfs lekkere frietjes stonden op het menu .Erna en Tim schreven in om mee te gaan naar een schildpaddenwandeling in het natuurcentrum , ik paste omdat ik te moe was van die stresserende eerste autodag . Te voet trokken de twee naar het 500 meter verder gelegen centrum , maar kwamen direct terug .Te veel volk om naar enkele schildpadden te kijken . Ze hadden gelijk , de Indiërs vertelden dat ze amper 1 schildpadje gezien hadden . Na een goed ontbijt wandelen we naar het schildpadden reservaat .We betalen 2 rial ingang en wandelen op het strand waar we verschillende schildpadden sporen en eierschalen vonden .In 1996 werd er 120 km² ingericht als reservaat , om de naar schatting 20.000 groen zeeschildpadden te beschermen .Het reservaat omvat 2 lagunes ( Knaus al Hazar en Khaur Jamara ) .Er zijn ook talloze archeologische vindplaatsen in het gebied , waaronder zo’n 350 graven . Na uitschrijven op naar de volgende bestemming , een tentenkamp in de zandwoestijn .Onderweg houden we tussenstop in de Wadi Bani Khalio oase , een mooie bergrit ernaar toe , in de oase is er mogelijkheid tot zwemmen , overal staan er kleine tentjes om te verkleden .Jammer genoeg is dit schitterende natuurfenomeen een drukke toeristische bedoening geworden , aangelegde betonnen paadjes , eethuisjes , kortom goed om het eens te zien en er dan zo rap mogelijk weer vandaan . Onderweg naar de zandwoestijn tanken we voor de eerste maal .Benzine is 0.239 per liter , ongeveer een halve euro dus . Via een lange autostrade rit , gevolgd door een korte woestijnpiste met geribbeld hard zand , komen we aan op het tentenkamp . We slapen in een grote tent , wel voorzien van alle comfort die we nodig hebben .We boeken een jeep rit om de zonsondergang in de woestijn mee te maken .We doen aan “duinsurfen” met de jeep , natuurlijk doet de chauffeur er nog een schepje bovenop , maar we genieten er toch wel van .De okerrode zandduinen zijn tot wel 200 meter hoog . Onze chauffeur Mohammed toont ons hoe de Omanieten koffie zetten , met koffie uit een ander land , en vertelt over zijn leven en over de gewoontes en zeden van de streek . ‘s Avonds is er , zoals gewoonlijk in de hotels , buffet avondmaal .Weer een nieuwe ervaring rijker . Na een goed ontbijt vertrekken we voor een lange autorit naar de hangende terrassen in Al’Aqar . Onderweg moeten we langs een steile weg , waar 4x4 aangewezen is .Op een bepaalde plaats staat er politie om identiteit van de passanten op te nemen , en om te controleren of je wel degelijk 4x4 hebt. Onderweg houden we verschillende keer halt om van het landschap te genieten , en om een sanitaire stop te houden in een moskeetje ergens halfweg de route . Rond 14 uur zijn we in ons hotel Al Jabal Al Akhd hotel .We worden verwelkomd met de obligate thee en dadels .Korte wandeling in het gehuchtje , en naar het terras om de zonsondergang te zien . Ongelukkiger wijze waren er veel wolken , en viel het zonnespektakel ietwat tegen .Terug avondmaal in buffet vorm .De hangende terrassen zijn wereld erfgoed van Unesco .Hun irrigatie kanalen, de Falaj , worden tot op heden nog gebruikt , om de terrasjes te bevloeien .Men kweekt er verschillende groenten , en ook is er plaats voor dadel , appelsien en citrus bomen . Na het ontbijt doen we een goed aangeduide rood-geel wandeling door 2 dorpjes , die zeer armoedig lijken .Tot voor kort was er zelfs geen elektriciteit .Onderweg zien we durvers een via ferrata doen op de steile klippen . Tegen de middag terug aan hotel .Na een uurtje rust doen we nog een wandeling naar een rotsplateau , van waar je een mooi uitzicht hebt over de terrassen .De rotsen zijn rijk aan fossielen , ik kan er een kleine inktvis vinden , helaas in een te grote steen om mee te nemen . Erna en Tim gaan nog naar een uitkijkpunt waar wijlen prinses Diana nog gestaan heeft , ik ga naar het terras om te rusten , moe van het vele autorijden de laatste dagen . Ons volgend doel is de fameuze balcony walk in de Omaanse versie van de Grand Canyon . Eerst rijden we naar Fort Bahla , een van de hoogtepunten in Oman .Het fort werd gebouwd in de 12de tot 15de eeuw en diende ter verdediging van de nabijgelegen oase .Wij wandelen rond het enorme lemen kasteel , omdat we gelezen hadden dat er binnen de muren bitter weinig te zien was .Nu nog zijn er resten te zien van de 13 km lange stadsmuur .Het fort is ook Unesco Werelderfgoed . Via een zeer , maar dan ook zeer slechte aardeweg , door wegenwerkzaamheden , en op 4x4 kracht komen we aan op het beginpunt van de canyon wandeling .Deze ligt in het Hadjar gebergte , en heeft als hoogste top de Jebel Shans van 3000 meter . We doen een 45 minuten wandeling tot aan een tweede uitkijkpunt , en genieten van dit indrukwekkende natuurfenomeen .Het is een gemakkelijke wandeling op een pad langs de rotswand van Wadi Gull , op 2000 meter boven de zeespiegel .Op de terugweg zien we de witte Egyptische gieren van zo dichtbij dat we duidelijk de kale kop kunnen zien . Weeral was er redelijk veel volk op deze toeristische pleisterplek . Met een beetje “angst” vatten we de terugtocht aan , schrik dat er iets zou gebeuren met de huurauto , maar alles verliep redelijk vlot , de weg was namelijk geen verrassing meer zoals in het omhoog rijden . Na nog een uurtje op goede wegen komen we aan in Mizfah al Abriyeen , waar ons hotel , het Mizfah Hospital Inn is . We krijgen een mooie kamer , met balkon en zicht op de bergen en op de kasteelruïne van Rohan Castle .Mizfah ligt in een oase met veel palmbomen en wadi’s en is omgeven door redelijk hoge bergen . We moeten de wagen op enkele honderd meter van het hotel zetten , omdat het haast onmogelijk is het dorpje binnen te rijden , zeer nauwe straatjes , steil en druk ,druk druk . Avondmaal in buffetvorm , met zoals altijd keuze uit verschillende streekgerechten . Ook ontbijt idem dito .Na een copieus ontbijt doen we een schitterende wandeling naar een bron van de wadi , en vervolgen de tocht nog een uurtje verder diep de canyon in . Weerom petje af voor de natuurpracht . Na een korte siësta , doen we nog een wandelingetje tussen de palmbomen en de falaj . In de vooravond gaan we mee op een geleid bezoek in het museum van de eigenaar van het hotel .Zeer interessant om te zien en te begrijpen hoe de Omani vroeger leefden , en hoe alles evolueerde tot de huidige moderne toestand .Ik word er nog in de traditionele kledij gezet ,een wit dishdasha kleed met geparfumeerde kwast , en een massar sjaal op mijn hoofd , alles afgewerkt met een geweer . Eentje voor het nageslacht dus .Een ander traditioneel hoedje in Oman is een kumma , mutsje met verschillende patronen en kleuren .Dit laatste is een zeer gegeerd souvenir voor velen . Onderweg naar Nizwa bezoeken we eerst het Jabreen kasteel .Onze gids neemt ons mee door dit mooie kasteel , dat slechts eenmaal bewoond werd door de bouwer in 1692 . Imam Bil’Arab bin , was sultan van de Yaruba dynastie , hij regeerde over de streek , woonde er in zijn kasteel en werd er ook begraven . Vooral opvallend zijn de vele beschilderde originele plafonds , de rechtszaal , de lage kerkers voor mannen , de ietwat hogere cellen voor vrouwen .Er was zelfs een speciale kamer voor zijn paard ! De sultan had slechts een vrouw .In de rechtszaal was er een verborgen plaats waar de soldaten verbleven , zodat ze ten allen tijde konden ingrijpen moest het nodig zijn . Indrukwekkend zicht over de streek van op het vlaggenmast platform . Ook interessant om te zien was het ingenieuze verluchtings systeem , zodat er constant een aangename temperatuur heerste in het slot . Wij waren redelijk vroeg aan het kasteel , en konden in alle rust genieten van de rondleiding , toen we terug naar de auto gingen , stond de parking reeds vol met bussen en wagens . Stilaan werd het tijd om naar Nizwa te rijden , waar we veel verwachten van het stadsbezoek , de geitenmarkt en de souk . Onderweg naar Nizwa doen we de wagen kuisen in een handcarwash , en dit voor 1.5 rial , 3 euro . Na het inchecken, hotel Al Diyar, in de kamer eten we in het hotelrestaurant en nemen we een korte break . Met de taxi naar het oude centrum , waar we kuieren in de souk .De mensen zijn heel vriendelijk en helemaal niet opdringerig .We kopen er enkele souvenirs en specerijen , en doen een wandeling op de oude vestingmuren . We eten in het restaurant van hotel Old Town , op een terras met uitzicht over Nizwa .Ik eet er voor de eerste maal op deze reis dromedaris , lekker maar daarmee is ook alles gezegd .We betalen omgerekend 26 euro voor 3 hoofdschotels en water .Terug naar hotel met de ootaxi . Om 6.30 staan we op , ontbijten en gaan met de taxi terug naar Nizwa om de fameuze geiten en dierenmarkt te zien . Deze dierenmarkt is nu een ware toeristen attractie geworden , toch zie je hoe de handelaren rondlopen met hun geiten , en hoe er luidruchtig onderhandeld worden .Het is een kleurrijk spektakel, interessant is te zien hoe de verschillende stammen andere kledij hebben . Tegen de middag checken we uit en gaan terug naar Muscat voor onze laatste avond in Oman . We hebben geboekt in een zeer goed hotel , Studio M , langs een drukke weg .In het restaurant eten we zelfs eens frietjes!! Na een korte rust nemen we een taxi naar het operagebouw waar we een concert zullen bijwonen . Gelukkig gingen we vroeg genoeg op pad , want onze taxichauffeur vergiste zich van weg , reed achteruit op een autostrade , lapte verkeersregels aan zijn laars , gebruikte pechstroken om abrupt in te voegen , en zette ons niet aan de juiste ingang af ; we slaken een diepe zucht toen we konden uitstappen . Het operagebouw zelf was een gebouw in alle grandeur en luxe , rijkdom van de Omanieten spat er van af .Pech voor ons dat we op een vrijdag het gebouw bezoeken , want de bib en de tentoonstellingen waren niet open (vrijdaggebed) . Zo mooi het gebouw was , zo abominabel was de opvoering .Eerst een pianoconcert van Liszt , door de naar het schijnt wereldberoemde pianiste Helène Mercier samen met een andere pianist .Het was eerder een kakofonie dan een aangenaam hoorspel .Helène sloeg verschillende malen de verkeerde toets aan , de andere pianist had moeite met zijn partituren op de i pad , en speelde als een bezetene , en toen moest het koor nog de negende van Beethoven zingen .Voor ons een complete ramp , veel te vlug tempo , koor en pianisten niet op dezelfde golflengte , sopraan te overheersen , kortom een verkrachting van Beethovens werk. Gelukkig was de terugrit naar het hotel van een andere orde , zoals een taxirit moest zijn . Na een uitgebreid ontbijt , maken we de koffers klaar en trekken ruim op tijd naar de luchthaven .Natuurlijk nemen we een verkeerde ingang en moeten nog een toertje doen rond de luchthaven , voor we de juiste plaats van inleveren vonden .Nu was er wel een beetje spanning , was de wagen in orde , hadden we een verkeersboete gekregen tijdens ons verblijf….. Gelukkig bleek alles tip top te zijn en konden we ons installeren voor enkele uren in de luchthaven . Tim had gevonden hoe we met zelf scan konden inchecken en onze bagage konden afgeven . Zonder problemen door de douanecontrole , en nog enkele uren wachten op de vlucht . Alles perfect op tijd ,op Schiphol uurtje wachten op de trein naar Antwerpen . Terug beetje stress , want de trein werd aangekondigd met enkele minuten vertraging , en we hadden maar 10min in Antwerpen om de trein naar Kortrijk te nemen . Gelukkig hadden we tijd genoeg , en als kers op de taart moesten we via Deinze en Lichterverlde sporen om rond 12.40 aan te komen in Kortrijk . De trein is altijd een beetje reizen . Als besluit kunnen we zeggen dat Oman een ideaal vakantieland is om onze winter even te ontvluchten . Zeer gemakkelijk bereisbaar land , vriendelijke mensen , eens je er bent niet zo duur aangename temperaturen en enorm mooie landschappen , alleen de cultuur die we kennen in het westen ontbrak een beetje , waarschijnlijk omdat we het niet kenden . Mooie 10 daagse gehad Erna had alles tot in de puntjes geregeld Tim deed het fantastisch als IT’er Ik was chauffeur .

Geen opmerkingen:

Een reactie posten