donderdag 23 april 2026

Luberon--Saou

Rond 9 uur vertrekken we richting Zuid-Frankrijk .Via Doornik , Mons , Charleroi , Couvin , Rocroy , Troyes en Tonnère komen we aan in het plaatsje Nitry , waar een p4n overnachting is op een parking nabij het restaurant La Beursaudière . Volgende halte zal Saou zijn , een dorpje in de Drôme , dat we goed kannen .Na een lange , lange autorit via Vézelay , Corbigny , Roanne , Feurs , Valence en Crest komen we aan rond 19.45 .Gelukkig vinden we nog een plaatsje waar we waterpas staan .We doen nog een korte wandeling naar het dorpje , om de benen eens te strekken . Na een goede nachtrust besluiten we om nog enkele dagen in Saou te blijven en er een paar wandelingen te doen . Eerst kopen doen we inkopen in het plaatselijke winkeltje , nadat we op de boerenmarkt niet vonden wat we zochten . Erna bezoekt een tentoonstelling van een echtpaar die etsen en gravures maakt (Atelier expo L’Uttapam , gravures et Cabinet de Curiosités van Muriel Moreau en Didier Hamey) Ze geven Erna een tip dat er in de parochiezaal een happening is waar je gratis kledij kan krijgen .We gaan eens kijken en nemen verschillende goede kledingstukken mee . Na het middageten besluiten we om de moeilijke wandeling naar La Roche Colombe te doen .Deze 13 km lange wandeling begint met een steile klim op een rolkeien pad , best pittig .We wisten waar we aan begonnen , want we hadden de tocht al eerder gedaan enkele jaren terug .Eenmaal boven de helling is de rest van de wandeling relatief gemakkelijk .Alleen een heel korte passage met laddertjes in de rotswand om een te groot hoogteverschil te overbruggen .Boven op de Crêtes hebben we een prachtig zicht op de besneeuwde Alpen en op de Ventoux .We genieten volop en eindigen de dag met een frisse pint op het dorpsplein . De volgende morgen doen we een langere wandeling van 20 km .Eerst 7 km tot aan het vernieuwde Auberge des Dauphins dat midden in het Forêt de Saou ligt , daarna de plaatselijke gele wandeling naar Les Clos , die we ook al eens gedaan hadden vroeger , en dan terug naar het dorpsplein voor een obligate heerlijke verse pint bier. We vernemen dat Pogacar de Ronde van Vlaanderen wint . Tijd om verder te reizen .Zo’n 40 km zuidwaarts weten we een mooie France Passion zijn in Sahune . Via de imposante Gorge de 30 pas rijden we naar Sahune , waar we op een mooie plaats kunne overnachten , met uitzicht over de boerderij en met de Rocher de Bramard (947 meter )in de onmiddellijke buurt . We genieten van de rust en de stilte , doen enkele inkopen bij de boer ( 2 flessen wijn , olijven , tapenade , en een pot abrikozen confituur ; en dit voor 20 euro ) In de vooravond nemen we een lauwe buitendouche . In de voormiddag , om de warmte voor te blijven , doen we een zeer mooie wandeling naar de top van de Bramard .We genieten van deze 4 uur durende gemakkelijke wandeling .Weerom worden we op de top beloont met een schitterend zicht . Op de terugweg ziet Erna een slangetje .In de namiddag loopt het kwik op tot 30 gr . We hebben vakantie in Sahune , luieren , niksen , lezen …. We zetten de tocht verder naar Buits les Baronnies waar er een grote markt was , met gezellige drukte .Parkeren was een ander probleem , daarom maakten we van de nood een deugd en zetten de camper op de parking van een supermarkt , waar we dan ook onze inkopen doen . In een zeer goede dienst van toerisme krijgen we info dat er een mooie wandeling te maken is naar Les Rochers de St Julien , juist buiten het centrum .We rijden met de wagen tot daar , maar helaas vinden we geen duidelijke wandeling tekens , en omdat het ook redelijk warm was , zien we af van de wandeling , en rijden richting Montbrun les Bains , waar een p4n overnachtingsplaats is .Onderweg houden we halt op de Col de Fontaube , 655 m) , en doen daar een wandeling van 2 uur naar een kerkhof .We hebben geen exacte kaart of wegbeschrijving en keren halfweg terug naar de auto . Tijdens de wandeling zien we verschillende grote groene hagedissen en hebben we een prachtig zicht op de Ventoux . Mooie overnachtingsplaats aan een beekje , en genieten van de schaduw en de rust .Het hoger gelegen dorp bezoeken zal voor de volgende dag zijn . Eerste taak in de nieuwe dag is vers brood gaan halen in de bakkerij .Na het ontbijt krijgen we in de voortreffelijke toeristische dienst info ober Montbrun .We krijgen een folder van een fonteinwandeling in dit mooie bergdorpje .Er zijn niet minder dan 12 fonteinen , de ene al interessanter dan de andere .Na de mooie wandeling terug naar de camper om te niksen in de schaduw . Na de grootste hitte “savoureren “ we een ijsje en genieten van een goede frisse pint . ‘s Avonds babbelen we met Belgische camperaars , wat blijkt , ik heb nog samen petanque gespeeld met de vader van meneer , en zijn vrouw was van dezelfde Roeselaarse buurt als Erna .Wat is de wereld toch klein… Het weer is een beetje wisselvallig , en daarom doen we een autorit in de Drôme .Via de Gorge de Toulourenc rijden we over de Col de Petry , 1302 meter ; de Col Sain Jean , 1158 m ; en de Col de Negron van 1242 meter hoog . Het was een schitterende rit met zeer mooie zichten over de voor Alpen . We eindigen op een zeer kleine camping in Revest-du-Bion , op 15 km van Sault richting Apt . Camping stelt niet veel voor , maar was een van de enigen die open was .We konden slechts in de vooravond douchen , omdat water door zonnepanelen verhit werd , en er geen mengkranen waren… Maar , alle rust was gegarandeerd , we stonden slechts met 4 op de weide .Voor ons prima , rust , kalmte .. Gelukkig kunnen we in de morgen brood kopen in de plaatselijke bakkerij . Na het ontbijt rijden we richting Banon , waar we de wekelijkse markt bezoeken , een Banon kaasje kopen , en natuurlijk de fameuze boekenwinkel Le Bluet niet vergeten . We kennen de streek door reeds vele bezoeken , ook in Vachères houden we halt . Hier woonde Yves en Philippe , een West-Vlaams koppel die hier een bed and breakfast openhielden .Beiden zijn reeds enkele jaren overleden .We kijken op het kerkhof of we enig teken van hen kunnen vinden , tevergeefs . Erna gaat tot bij hun vroegere woonplaats , waar ook niets meer van hun aanwezigheid te vinden was .We zijn ietwat ontroerd omdat dat tijdperk nu definitief ten einde is . Onderweg blijven we een halve namiddag in de schaduw staan , waar we ook middagmalen .Het weer is intussen weer schitterend , 25 gr en meer .Van op onze plaats zien we mooi de Ventoux .Merkwaardig , toen we in de streek aankwamen zagen we nog volop sneeuw op de berg , nu was de sneeuw bijna volledig weg . We eindigen op een kleine parking , in het prachtige stadje Viens .Dit prachtige Middeleeuws dorp is heus de moeite van het bezoeken . We hadden geluk hier op een zaterdag te zijn , dan was de parking , die ook gebruikt werd door de gemeentediensten , verlaten .Tijdens de week is het zeker zo rustig niet .Natuurlijk drinken we nog een frisse pint in het enige café dat open was .Als je in de buurt bent , niet passeren maar bezoeken , je zult het je niet beklagen . Goed uitgeslapen vertrekken we naar Apt , de hoofdstad van de Luberon .We willen het museum en het maison du parc bezoeken , maar , alles was zelfs om 10 uur potdicht .Ook de stad zelf was verlaten ;tijd om niet te lang te verblijven en de reis verder te zetten . We starten dan de autorit in de Luberon en Vaucluse , uit het boek 52 roadtrips door Frankrijk , pag. 214-218 . Eerste halte is het dorp Saignon , een mooi dorp met mooie dorpsgezichten , waaronder een mooie fontein en Een imposante ruïne . Van op de top van de ruïne heb je een mooi overzicht over het dorp . Ook merkwaardig is de olijfpers die in grot is ingebouwd . Iets verderop is er een alternatieve plantenkweker , een geitenwollensokken project , doch niemand aanwezig En nog geen planten .De kwekerij zou gespecialiseerd zijn in oude planten . Volgende halte is het dorp Céreste , doch ook hier , geen kat te zien en alles gesloten . Dan een korte rit tot aan de klooster ruïne van de Prieuré Carluc ., waar je gemakkelijk kunt overnachten als je zou willen .Alhoewel een mooie ruïne , is het in onze ogen de omweg niet waard . We eindigen de dag in Grambois op een p4n plaats .Weeral hetzelfde fenomeen als de gehele dag , alles toe en gesloten .Hoewel deze village perché op zichzelf wel mooi is . Het weer is eerder wisselvallig , en we rijden naar Cucuron , bekend voor zijn Bassin de L’Etang , een vijver in het centrum met mooie platanen . We doen ook een korte wandeling in dit aangename plaatsje . Verder dan naar Lourmarain waar Erna het kasteel bezoekt ( 8 euro ) .Het slot dateert oorspronkelijk van de 12de eeuw , na verschillende eigenaren kwam het in 1920 handen van Robert Laurant-Vibert , de grote baas van het haarverzorgingsproduct voor heren Pétrole Hahn .Die liet alles restaureren door architect Henri Pacon . Vibert overleed na een auto ongeluk in 1925 .Testementair schonk hij dit eigendom aan de academie des sciences, agriculture , arts et belles lettres , op voorwaarde dat het zou omgevormd worden tot een stichting die jonge kunstenaars zou ondersteunen .Verder is Lourmarain vooral bekend voor de vele galerijen en snuisterijen winkeltjes .’s Zomers een topper in de streek , nu , redelijk verlaten . Lourmarain is ook bekend als begraafplaats van Albert Camus ( 1913-1960) . Deze Franse filosoof en schrijver kreeg in 1957 de nobelprijs voor de literatuur .We zoeken zijn graf op het kleine kerkhofje .Het is een kleine onopvallende steen met enkel zijn naam en data op .Wel liggen er bloemen en schrijfgerief naast zijn graf . Volgende halte is het kasteel in Lacoste .De oorsprong gaat terug tot de 11de eeuw. De markies de Sade verbleef er van 1769 tot 1772 . In 2001 kocht Pierre Cardin het slot en restaureerde het volledig . Elk jaar tot aan zijn dood organiseerde hij er een muzikaal kunstfestival .Opvallende beelden op en rond het kasteel . Het dorp Lacoste , aan de voet van het kasteel is uitermate mooi , Het oudste gebouw dateert uit de 9de eeuw , het is alsof de tijd bleef stilstaan in dit Middeleeuws ogende dorp .Het dorp werd in 1970 volledig ingenomen door het Amerikaanse “ Lacoste school of arts “ , waar jonge kunstenaars een plaats vinden om hun kunst te ontwikkelen en te promoten . Gelukkig zijn we in het vroege voorjaar en is het helemaal niet druk , wat waarschijnlijk anders is in volle zomer . Na een korte stop in in Oppède le Vieux rijden we tot in het dorpje Les Taillades , waar we een moeilijke wandeling plannen de volgende dag .We hadden een brochure over de wandeling Rochers de Baude , slechts 6 km lang , maar zeer lastig volgens de omschrijving . We staan geparkeerd bij een prachtig speelplein , met als blikvanger een mooie draak in hout om op te klimmen met , en af te glijden . Ook is er een proper publiek toilet aanwezig , en is er een bakkerij op wandelafstand . Redelijk vroeg gaan we op pad . Na een km komen we aan de te beklimmen rotspartijen , les rochers de Baume .Eerst in een soort vallei gestaag omhoog tot op een keienpad .Daar waren enkele ijzers in de rotsen geklopt om een steil hoogteverschil te overwinnen .Geen probleem om dit laddertje te gebruiken . Daarna redelijk steil omhoog tot op de bergkam .We zijn werkelijk helemaal alleen in dit prachtige Drôme berglandschap , met steile klippen , woeste rotspartijen en een redelijk goed aangeduid , maar moeilijk pad steeds hoger en hoger . We worden beloond door een schitterend panorama over de streek .We kijken tot in Apt , en aan een andere kant uitzicht op de alomtegenwoordige Ventoux .Jammer genoeg loop ik een kleine verrekking op in de linkerkuit , maar we laten het niet aan ons hart komen en genieten verder .Na de klim volgt logischerwijze een even steile afdaling , en dit over losliggende steentjes .Oppassen geblazen .Uiteindelijk komen we via de bron van de Boulon rivier in het dal terecht .Dan nog een uurtje stappen tot aan de auto . Wat een mooie, maar pittige wandeling was me dat . We nemen de nodige tijd om uit te rusten en te middagmalen . Tijd om naar Merindol te rijden waar er enkele observatiehutten zijn aan de Durance rivier . Geen speciale vogels te zien , wel ontdekken we een voor ons onbekend insect : de vlinderhaft , ook een ontdekking voor ons . We proberen verschillende France Passions in de omgeving , doch geen enkele kon ons bekoren .We besluiten terug te keren naar onze vorige slaapplaats . We hebben ook info van een mooie , gemakkelijke wandeling in Cabrières d,Avignon : le mur de la peste . We parkeren op een grote parking achter het gemeentehuis , waar je ook zou kunnen overnachten in de camper .De wandeling is 7.5 km lang en is genoemd naar een muur om pestlijders tegen te houden .Deze muur van 27 km lang werd gebouwd rond 1720 , en was bedoeld om de pestlijders die van uit de richting Marseille en de Provence kwamen , te beletten binnen te komen in het Comtat Venaissin . De muur werd bewaakt door soldaten , die de opdracht hadden iedereen neer te schieten die probeerde over de muur te komen .Langs de muur die gebouwd is met witte stenen , zie je nog verschillende schuilhuizen en wachttorens van de bewakers . Nu zijn er verschillende info borden geplaats op het muur traject om deze tragische geschieden te gedenken . Ook deze wandeling , die inderdaad gemakkelijk is , doen we redelijk vroeg , om de hitte voor te zijn . Mooi bewegwijzerd en gevarieerd pad door bos en heuvels .Onderweg zien we een schaapherder en zijn kudde . We eten in de camper op de parking , en rijden naar het ons bekende Gordes . We zetten de auto op de camper parkeerplaats , die betalend is van af 17 tot 8 uur . We gaan te voet naar deze hoog gelegen stad , die indrukwekkender is van op afstand , dan hij werkelijk is . Erna bezoekt een tentoonstelling in het kasteel op het centraal plein .Ze ziet er onder andere werk van de Vlaming Pol Mara (1920-1998) .Mara is een kunstschilder , tekenaar en lithograaf met wereldbekendheid .Ingang van het kasteel is 6 euro . Het is stilletje aan tijd om onze wegen te korten , en daarom rijden we noordwaarts tot in Saou , waar we in het begin van de reis ook al 3 nachten stonden . Ik haal vers brood , ,we ontbijten en doen de rugzak klaar voor een volgende wandeling in dit heerlijke dorpje . Te voet vertrekken we naar de Auberge des Dauphins , waar we beginnen aan de wandeling “sentier des muletiers van 7 km .Een aangename gemakkelijke wandeling op goed begaanbare paden , weerom genieten dus . De tocht begint met een kronkelend ezels pad tot halfweg de bergrug .Daarna plat en evenwijdig pad tot op het afdaalpunt naar een parking .Ondertussen kennen we wel onze weg om tot in Saou te geraken .Toch nemen we nog een allerlaatste variant van het pad .We hebben er geen spijt van .We wandelen door een natuurreservaat en langs enkele vijvers . Uiteraard eindigen we op het terras met een pint . Naast ons komen er jonge mensen met een klein kindje zitten .We praten wat en gaan naar ons huis op wielen . Tot onze grote verassing waren de mensen van het terras onze camperburen .Het meisje zegde zo enthousiast hallo , dat ik haar een uitgezaagd muntje gaf .Kort daarna kwam de meneer met een zakje chocolaatjes .Hij was namelijk artisanale chocolatier uit de Elzas . De leuke dingen van het camperen zijn dat. We plannen in 2 dagen naar huis te rijden .Via Crest , Valence , Vienne en Lyon , die we doorrijden zonder enige vertraging , komen we rond de middag aan in Les Dombes , waar we een aangenaam plekje vinden om te middagmalen . We staan naast een kijkhut en kunnen er een lepelaar , ooievaars en een beverrat spotten . We rijden tot rond 17 uur , tot aan een mooie p4n plaats aan een kanaal in Lons-le-Saunier , in de buurt van Langrès . De laatste dag resten er ons nog 500 km , die we zonder problemen afleggen met een middagpauze op de camperplek van Rocroi . Hier kunne we ons toilet en afvalwater lozen . In de vooravond terug thuis na een deugddoende , prachtige camperreis.Er staan 2605 km op de teller

woensdag 4 februari 2026

Oman jan 2016

Oman Na lang overleggen besluiten we in het voorjaar van 2026 naar Oman te reizen. We willen het triestige winterweer van onze streek even achter ons laten en zoeken een aangenaam landklimaat. Dat vind je de winter zeker in Oman. We verwachten temperaturen van om en bij de 25 graden. ’s Zomers is de temperatuur hier soms tot 45 à 50 graden Celsius, ook niet voor ons dus. Oman, officieel het Sultanaat Oman, is gelegen in Zuidwest-Azië , aan de zuidoost kant van het Arabische schiereiland. De Verenigde Arabische Emiraten, Saoedi-Arabië en Jemen zijn de buurlanden van het land. De golf van Oman vormt ook de grens met Iran. Het land is 309 500 km² groot en heeft een kleine drie miljoen. De hoofdstad is Muscat, de munteenheid Omaanse Rial (1 rial is ong.2 euro), Arabisch is de landstaal en 82 procent van de bevolking is Moslim. Ter vergelijking: Vlaanderen is 13 700 km² groot en telt ongeveer 7 miljoen inwoners. Oman is een land dat zijn rijkdom vooral aan olie dankt. In 1962 werd er olie gevonden in commerciële hoeveelheden. De toenmalige heerser Said bin Taimur (1932-1970) wilde het oliegeld vooral gebruiken voor eigen profijt. Zijn zoon Qabous bin Said al Bu Said (1940-2020) was daar echter niet mee akkoord en met hulp van de Britten pleegde hij een staatsgreep in 1970. Eenmaal aan de macht investeerde hij een groot deel van het geld in eigen land en bevolking, zonder te vergeten zichzelf te verrijken natuurlijk. Onder zijn bewind werden er moskeeën, musea, wegen en dammen gebouwd. De bevolking kreeg gratis onderwijs en ziekenzorg. Voorbeelden zijn de grote moskee, het nationaal museum en het nationaal theater. Ook krijgt ieder Omani die wil bouwen gratis grond van de regering. Erna plant de reis tot in detail op voorhand. Ze boekte de vluchten, hotels en wagen. Alles was klaar om te vertrekken op 20 januari. We reisden probleemloos met de trein naar Schiphol, waar we Tim ontmoeten. Enkele uurtjes later stijgen we op richting het redelijk onbekende. Rond 7 uur ’s ochtends plaatselijke tijd (in België is het dan 4 uur ’s nachts) landen we veilig in Muscat. Na een redelijk vlotte bagageafhandeling, kopen we een Omaanse simkaart en halen het maximaal toegestane Rial (300, zo’n 660 Euro) af aan een geldautomaat. Met een taxi rijden we naar het eerste hotel van deze reis aan de rand van Muscat. We mogen de bagage achterlaten in de lobby van het hotel . We hadden gelezen dat het interessant was om de “ootaxi app” (een soort Omaanse uber) te gebruiken in de stad. Tim werd aangesteld als IT-er. Na het installeren van de app is het tijd om onze eerste taxirit te bestellen. Alles gaat zeer vlot en voor 2 Rial (4 Euro) worden we naar de grote moskee in Muscat gebracht. We bezoeken de moskee direct bij aankomst omdat die enkel in de voormiddag te bezoeken is. De werken aan de Sultan Qaboos moskee begonnen in 1992 en werden voltooid rond 2015. De officiële opening was in 2016. De immense moskee werd gebouwd met 300.000 ton Indische zandsteen. De gebedsruimte meet 74.4 op 74.4 meter met een centrale koepel van 50 meter hoog. De vier minaretten hebben een hoogte van 45.5 meter. Binnen is plaats voor 6500 mannelijke gelovigen en er is ook een gebedsruimte voor 750 vrouwen. Het reusachtige tapijt heeft 1.700.000 knopen en weegt 21 ton. Het 70x60 meter grote tapijt weegt 21 ton en er werd vier jaar aan gewerkt. In de koepel hangt een enorme acht ton zware kroonluchter met 1112 lampen van Swarowski-kristallen. Het begint redelijk warm te worden en we nemen een taxi naar de zee waar we in het restaurant Café Farah brunchen. Met zicht op de Perzische golf genieten we volop van de Omaanse gerechten. Op het strand vinden we mooie schelpen en stukjes koraal. Het is zo warm dat we ons per taxi laten voeren naar een vier kilometer verder gelegen park in de hoop er schaduwplaatsjes te vinden om te rusten. Helaas, we vonden weinig bomen en nog minder schaduw. Door een verkeerde Omaanse tip maken we een nodeloze wandeling in de voor ons verzengende hitte. Gelukkig mogen we plaatsnemen in een klein prieeltje waar een Omaanse vrouw en haar kind thee dronken. Hier maakten we voor de eerste keer de gastvrijheid van de Omanieten mee. We kregen zonder vragen een deugddoend kopje thee. Tijd voor een korte siësta, dachten we. Onze kamer kon echter niet op slot en de lavabo functioneerde niet naar behoren. Ik meldde dat aan de receptie en 5 minuten later kregen we een luxueuzere kamer aangeboden. Wat een service! Met de taxi rijden we ‘s avonds naar het Qurum Natural park waar er een groot lichtspektakel plaatsvond. Ietwat te vergelijken met de feeërieke verlichting in de Gavers en de grote steden bij ons. Erna en ikzelf moeten niet betalen (want 70 plus!) Tim betaalt 1.8 rial (vier Euro). We twijfelden of we wel binnen zouden gaan maar gelukkig besloten we het toch maar te doen. Het was een indrukwekkend gebeuren met lasershows, acrobaten, orkesten, muziek en dans, alles in een fancy fair achtige setting. Overal zijn er eetstalletjes van verschillende landen, waaronder Spanje, Frankrijk, USA. We eten iets Pakistaans en betalen een habbekrats. Na enkele uurtjes hebben we het ook wel gehad en gaan terug naar “huis” met de taxi. Door slaaptekort en tijdsverschil kruipen we vroeg in ons “nest” na een lange, vermoeiende maar ook aangename eerste vakantiedag. Na een goede nachtrust en idem dito ontbijt trekken we naar het oude stadsgedeelte van Muscat, aan de haven en de vismijn. Ons doel is de soek te verkennen, een overdekte markt. Vroeger diende de soek als hub om de waren van overzeese gebieden zoals China, India en Europa verder te distribueren in het Midden Oosten. De soek is een doolhof van kleine steegjes en pleintjes waar je letterlijk van alles kunt kopen gaande van kledij over juwelen tot specerijen. Noem het en het is er te koop. We worden voortdurend aangesproken door de handelaren die meestal uit India of Bangladesh komen om toch maar binnen te gaan in hun winkeltje. Agressief zijn ze wel niet maar toch redelijk vervelend. Aan een kraampje koot Erna een shawl in haar favoriete kleur, ik ding toch met succes iets af van de prijs. Na een uurtje zijn we het beu en wandelen we langs de zeedijk tot aan het nationaal museum. Het enorme museum werd ingehuldigd op 30 juli 2016 en heeft een oppervlakte van 13.700 km². Er zijn 14 permanente galerijen en nog enkele bedoeld voor tijdelijke tentoonstellingen. Hoewel het een mooie collectie is en je veel kunt leren over de Omani, is dit museum toch niet mijn ding. Wel kijk ik vol bewondering naar een kleitablet met spijkerschrift en naar de vele munten. Erna is gefascineerd door de handgeknoopte tapijten. Bij het binnenkomen had ik gezien dat plus 70 jarigen gratis binnen mogen. Aan de kassa zegde ik trots: “twee 70 jarigen en 1 volwassenen”. Daarop antwoordde de bediende prompt dat dat enkel geldig voor Omani. Na nog wat over en weer gepraat zegde de jongedame al lachend: “veel plezier in het museum strange man. Recht tegenover het museum ligt het megalomane, lelijke koninklijk paleis. Het doet ons denken aan architectuur van de Roemeense communistische oud-dictator Ceaușescu. Met de taxi gaan we terug naar de oude stad, het werd te warm om terug te wandelen. In het “typische” Omaanse restaurant Bait al Lubin nemen we alle drie een ander hoofdgerecht en kunnen zo van verschillende streekgerechten proeven. Het ene is al beter dan het andere. Voor 3x voorgerecht ; 3x hoofdgerecht en 2x dessert plus water betalen we 45 Rial (Ongeveer 90 Euro) Na een nacht vol straatlawaai is het tijd om uit te checken en de auto af te halen in de luchthaven. Die hadden we gereserveerd om 11 uur en we kregen de wagen dan ook geen minuut eerder. De enorm norse, onvriendelijke baliemedewerkster behandelde ons als, ja als wat… De bediende aan het afhaalpunt echter was zeer beleefd en behulpzaam. Geduldig legde hij ongeveer alles uit. Uitermate nerveus vertrokken we richting Sur, een stad en landsdeel in het Oosten van Oman. Het begon al goed: we kregen de slagboom niet omhoog en moesten al hulp inroepen via een praatpaal. Gelukkig wist Tim hoe hij zijn telefoon kon koppelen met de auto en zijn google map instellen als gps. Rond Sur doen we een eerste halte om er een wandeling te maken in een wadi, een soort oase in een canyon die regen- of smeltwater opvangt en tijdelijk buffert. We vinden nog een parkeerplaatsje in de schaduw van de brug, het was er zeer druk. We moesten eerst met een klein bootje de rivier oversteken en dan een 45 minuten gemakkelijke wandeling in de kloof. Werkelijk spectaculair. We zien ook de Egyptische gier en een valk. Het was mogelijk te zwemmen in de verschillende poelen in de wadi. We vervolgen weg 17 door het drukke uitgestrekte Sur en komen rond 18 uur aan op ons volgend verblijf.We worden zeer vriendelijk ontvangen in het guesthouse Turtle Guest House in Ras al Jinz, aan het meest oostelijke puntje van het Arabische schiereiland. Gelukkig hadden we avondeten bij geboekt want er was daar niets buiten het hotel en het natuurcentrum. We krijgen een ruime driepersoons kamer en kunnen avondmalen met een Indische familie. Zelfs lekkere frietjes stonden op het menu. Erna en Tim schreven in om mee te gaan naar een schildpaddenwandeling in het natuurcentrum, ik paste omdat ik te moe was van die stresserende eerste autodag . Te voet trokken de twee naar het 500 meter verder gelegen centrum, maar kwamen direct terug. Te veel volk om naar enkele schildpadden te kijken. Ze hadden gelijk, de Indiërs vertelden later dat ze amper één schildpadje gezien hadden. Na een goed ontbijt wandelen we naar het schildpaddenreservaat. We betalen 2 Rial (vier Euro) ingang en wandelen op het strand waar we verschillende schildpaddensporen en eierschalen vonden. In 1996 werd er 120 km² ingericht als reservaat om de naar schatting 20.000 groen zeeschildpadden te beschermen. Het reservaat omvat twee lagunes: Knaus al Hazar en Khaur Jamara. Er zijn ook talloze archeologische vindplaatsen in het gebied waaronder een kleine 350 graven. Na uitschrijven op naar de volgende bestemming: een tentenkamp in de zandwoestijn. Onderweg houden we tussenstop in de Wadi Bani Khalio-oase. Het was een mooie bergrit ernaar toe en in de oase is er mogelijkheid tot zwemmen. Overal staan er kleine tentjes om te verkleden. Jammergenoeg is dit schitterende natuurfenomeen een drukke toeristische bedoening geworden met aangelegde betonnen paadjes en eethuisjes. Kortom: goed om het eens te zien en er dan zo rap mogelijk weer vandaan. Onderweg naar de zandwoestijn tanken we voor de eerste maal. Benzine kost 0.239 Rial per liter: ongeveer een halve euro dus. Via een lange autostraderit, gevolgd door een korte woestijnpiste met geribbeld hard zand, komen we aan op het tentenkamp. We slapen in een grote tent die is voorzien van alle comfort die we nodig hebben. We boeken een jeep rit om de zonsondergang in de woestijn mee te maken. We doen aan “duinsurfen” met de jeep , natuurlijk doet de chauffeur er nog een schepje bovenop maar we genieten er toch wel van. De okerrode zandduinen zijn tot wel 200 meter hoog. Onze chauffeur Mohammed toont ons hoe de Omanieten koffie zetten, met koffie uit een ander land, en vertelt over zijn leven en over de gewoontes en zeden van de streek. ‘s Avonds is er, zoals gewoonlijk in de hotels, buffet avondmaal. We zijn weer een nieuwe ervaring rijker . Na een goed ontbijt vertrekken we voor een lange autorit naar de hangende terrassen in Al’Aqar. Onderweg moeten we langs een steile weg waar 4x4 aangewezen is. Op een bepaalde plaats staat er politie om identiteit van de passanten op te nemen en om te controleren of je wel degelijk 4x4 hebt. Onderweg houden we verschillende keer halt om van het landschap te genieten en om een sanitaire stop te houden in een moskeetje ergens halfweg de route . Rond 14 uur zijn we in ons hotel Al Jabal Al Akhd hotel. We worden verwelkomd met de obligate thee en dadels. Na een korte wandeling in het gehuchtje gaan we naar het terras om de zonsondergang te zien. Ongelukkiger wijze waren er veel wolken en viel het zonnespektakel ietwat tegen. Opnieuw avondmaal in buffet vorm. De hangende terrassen waaraan landbouw wordt gedaan zijn Unesco-werelderfgoed. De lokale irrigatiekanalen, de Falaj, worden tot op heden nog gebruikt om de terrasjes te bevloeien. Men kweekt er verschillende groenten en ook is er plaats voor dadel-, sinaas- en citrusbomen. Na het ontbijt doen we een goed aangeduide rood-geelwandeling door twee dorpjes die zeer armoedig lijken. Tot voor kort was er zelfs geen elektriciteit. Onderweg zien we durvers een via ferrata doen op de steile klippen. Tegen de middag terug aan hotel. Na een uurtje rust doen we nog een wandeling naar een rotsplateau vanwaar je een mooi uitzicht hebt over de terrassen. De rotsen zijn rijk aan fossielen, ik kan er een kleine inktvis vinden, helaas in een te grote steen om mee te nemen. Erna en Tim gaan nog naar een uitkijkpunt waar wijlen prinses Diana nog gestaan heeft, ik ga naar het terras om te rusten. Ik was moe van het vele autorijden de laatste dagen. Ons volgend doel is de fameuze balcony walk in de Omaanse versie van de Grand Canyon. Eerst rijden we naar Fort Bahla, een van de historische hoogtepunten in Oman. Het fort werd gebouwd in de 12de tot 15de eeuw en diende ter verdediging van de nabijgelegen oase. Wij wandelen rond het enorme lemen kasteel omdat we gelezen hadden dat er binnen de muren bitter weinig te zien was. Nu nog zijn er resten te zien van de 13 km lange stadsmuur. Het fort is ook Unesco-werelderfgoed . Via een zeer, maar dan ook zéér slechte aardeweg (door wegenwerkzaamheden) en op 4x4-kracht komen we aan op het beginpunt van de canyonwandeling. Die ligt in het Hadjargebergte en heeft als hoogste top de Jebel Shans van 3000 meter. We doen een 45 minuten lange wandeling tot aan een tweede uitkijkpunt en genieten van dit indrukwekkende natuurfenomeen. Het is een gemakkelijke wandeling op een pad langs de rotswand van Wadi Gull, op 2000 meter boven de zeespiegel. Op de terugweg zien we de witte Egyptische gieren van zo dichtbij dat we duidelijk de kale kop kunnen zien. Weeral was er redelijk veel volk op deze toeristische pleisterplek. Met een beetje “angst” vatten we de terugtocht aan, schrik dat er iets zou gebeuren met de huurauto maar alles verliep redelijk vlot. De weg was namelijk geen verrassing meer zoals in het omhoog rijden. Na nog een uurtje op goede wegen komen we aan in Mizfah al Abriyeen waar ons hotel is: het Mizfah Hospital Inn. We krijgen een mooie kamer met balkon en zicht op de bergen en op de kasteelruïne van Rohan Castle. Mizfah ligt in een oase met veel palmbomen en wadi’s en is omgeven door redelijk hoge bergen. We moeten de wagen op enkele honderd meter van het hotel zetten omdat het haast onmogelijk is het dorpje binnen te rijden: zeer nauwe straatjes, steil en druk, druk, druk. Avondmaal in buffetvorm met zoals altijd keuze uit verschillende streekgerechten. Ook ontbijt idem dito. Na een copieus ontbijt doen we een schitterende wandeling naar een bron van de wadi en vervolgen de tocht nog een uurtje verder diep de canyon in. Weerom petje af voor de natuurpracht. Na een korte siësta doen we nog een wandelingetje tussen de palmbomen en de falaj. In de vooravond gaan we mee op een geleid bezoek in het museum van de eigenaar van het hotel. Het was zeer interessant om te zien en te begrijpen hoe de Omani vroeger leefden en hoe alles evolueerde tot de huidige moderne toestand. Ik word er nog in de traditionele kledij gezet, een wit kleed – een dishdasha - met geparfumeerde kwast en een massar op mijn hoofd, een soort sjaal. Alles afgewerkt met een geweer als accessoire. Eentje voor het nageslacht dus. Een ander traditioneel hoedje in Oman is een kumma, mutsje met verschillende patronen en kleuren, een zeer gegeerd souvenir voor velen. Onderweg naar Nizwa bezoeken we eerst het kasteel van Jabreen. Onze gids neemt ons mee door dit mooie kasteel dat slechts eenmaal bewoond werd door de bouwer in 1692. Imam Bil’Arab bin was sultan van de Yaruba-dynastie en regeerde toen over de streek. Hij woonde in zijn kasteel en werd er ook begraven. Vooral opvallend zijn de vele beschilderde originele plafonds, de rechtszaal, de lage kerkers voor mannen en de ietwat hogere cellen voor vrouwen. Er was zelfs een speciale kamer voor zijn paard! De sultan had slechts één vrouw. Nog een ander leuk weetje: in de rechtszaal was er een verborgen plaats waar de soldaten verbleven zodat ze te allen tijde konden ingrijpen moest het nodig zijn. Indrukwekkend zicht over de streek van op het vlaggenmastplatform. Ook interessant om te zien was het ingenieuze verluchtingssysteem zodat er constant een aangename temperatuur heerste in het slot. Wij waren redelijk vroeg aan het kasteel en konden in alle rust genieten van de rondleiding. Toen we terug naar de auto gingen, stond de parking reeds vol met bussen en wagens. Stilaan werd het tijd om naar Nizwa te rijden, waar we veel verwachten van het stadsbezoek, de geitenmarkt en de soek. Onderweg naar Nizwa gaat de wagen in een carwash, en dit voor 1.5 Rial (Drie Euro). Na het inchecken in hotel Al Diyar, eten we in het hotelrestaurant en nemen we een korte break. Met de taxi naar het oude centrum, waar we kuieren in de soek. De mensen zijn heel vriendelijk en helemaal niet opdringerig. We kopen er enkele souvenirs en specerijen en doen een wandeling op de oude vestingmuren . We eten in het restaurant van hotel Old Town op een terras met uitzicht over Nizwa.Ik eet er voor de eerste maal op deze reis dromedaris, lekker maar daarmee is ook alles gezegd. We betalen omgerekend 26 euro voor drie hoofdschotels en water. Terug naar hotel met de ootaxi. Om 6.30 staan we op, ontbijten we en gaan met de taxi terug naar Nizwa om de fameuze geiten- en dierenmarkt te zien. Die markt is nu een ware toeristenattractie geworden, maar toch nog echt. Je ziet er hoe de handelaren rondlopen met hun geiten en hoe ze luidruchtig onderhandelen. Het is een kleurrijk spektakel. Het is interessant om te zien hoe de verschillende stammen andere kledij hebben. Tegen de middag checken we uit en gaan terug naar Muscat voor onze laatste avond in Oman. We hebben geboekt in Studio M, een zeer goed hotel langs een drukke weg. In het restaurant eten we zelfs eens frietjes! Na een korte rust nemen we een taxi naar het operagebouw waar we een concert zullen bijwonen. Gelukkig gingen we vroeg genoeg op pad, want onze taxichauffeur vergiste zich van route, reed achteruit op een autostrade, lapte verkeersregels aan zijn laars, gebruikte pechstroken om abrupt in te voegen en zette ons niet aan de juiste ingang af. We slaakten een diepe zucht toen we konden uitstappen. Het operagebouw zelf was een gebouw in alle grandeur en luxe, de rijkdom van de Omanieten spat ervan af. Pech voor ons dat we op een vrijdag het gebouw bezoeken, want de bib en de tentoonstellingen waren niet open vanwege het vrijdaggebed. Zo mooi het gebouw was, zo abominabel was de opvoering. Eerst een pianoconcert van Liszt, door de naar het schijnt wereldberoemde pianiste Hélène Mercier samen met een andere pianist. Het was eerder een kakofonie dan een aangenaam hoorspel. Hélène sloeg verschillende malen de verkeerde toets aan, de andere pianist had moeite met zijn partituren op de iPad, speelde als een bezetene en toen moest het koor nog de negende van Beethoven zingen. Voor ons een complete ramp, ze raasden door het stuk aan een veel te vlug tempo. Het koor en pianisten zaten niet op dezelfde golflengte, sopraan te overheersend. Ik vond het kortom een verkrachting van Beethovens werk. Gelukkig was de terugrit naar het hotel van een andere orde, zoals een taxirit moest zijn. Na een uitgebreid ontbijt maken we de koffers klaar en trekken ruim op tijd naar de luchthaven. Natuurlijk nemen we een verkeerde ingang en moeten nog een toertje doen rond de luchthaven voor we de juiste plaats van inleveren vonden. Nu was er wel een beetje spanning. Was de wagen in orde? Hadden we een verkeersboete gekregen tijdens ons verblijf? Gelukkig bleek alles tiptop te zijn en konden we ons installeren voor enkele uren in de luchthaven. Tim had gevonden hoe we met een self scan konden inchecken en vroeg onze bagage konden afgeven. We geraakten zonder problemen door de douanecontrole en moesten dan nog enkele uren wachten op de vlucht. Alles perfect op tijd. Op Schiphol moesten we een uurtje wachten op de trein naar Antwerpen. We hadden toch opnieuw een beetje stress want de trein werd aangekondigd met enkele minuten vertraging en we hadden maar 10min in Antwerpen om de trein naar Kortrijk te nemen. Gelukkig hadden we tijd genoeg. Als kers op de taart moesten we via Deinze en Lichtervelde sporen om rond twintig voor één ‘s nachts aan te komen in Kortrijk. De trein is altijd een beetje reizen. Als besluit kunnen we zeggen dat Oman een ideaal vakantieland is om onze winter even te ontvluchten. Het is een zeer gemakkelijk bereisbaar land met vriendelijke mensen. Eens je er bent is het er niet zo duur, zijn er aangename temperaturen en enorm mooie landschappen. Alleen de cultuur die we kennen in het westen ontbrak een beetje, waarschijnlijk omdat we het niet kenden. Mooie 10-daagse gehad. Erna had alles tot in de puntjes geregeld, Tim deed het fantastisch als IT’er. Ik was chauffeur. Op vr 6 feb 2026 om 11:25 schreef rik devriese : Ok Op vr 6 feb. 2026 11:24 schreef Tim Devriese : Was te druk op werk gisteren, ik bekijk het nu! Op wo 4 feb 2026 om 17:53 schreef rik devriese : Oman Na lang overleggen besluiten we in het voorjaar van 2026 naar Oman te reizen .We willen het triestige winterweer van onze streek even achter ons laten , en zoeken een aardig landklimaat , dat in de winter zeker te vinden is in Oman , we verwachten temperaturen van om en bij 25 gr .’s Zomers is de temperatuur hier soms tot 45 à 50 gr Celsius , ook niet voor ons dus . Oman , officieel Sultanaat Oman is gelegen in Zuidwest Azië , aan de zuid oost kant van het Arabische schiereiland .Buurlanden zijn Verenigde Arabische Emiraten , Saoedi-Arabië en Jemen . De golf van Oman vormt ook de grens met Iran . 309500 km² groot , met een populatie van een kleine 3.000.000 inwoners .Hoofdstad Muscat , munteenheid Omaanse Rial (1 rial is ong.2 euro) ,Arabisch is de landstaal , en 82 procent is Moslim . Ter vergelijking , Vlaanderen is 13700 km² en telt ong. 7.000.000 inwoners . Oman is een land dat zijn rijkdom vooral aan olie dankt .In 1962 werd er olie gevonden in commerciële hoeveelheden .Said bin Taimur ( 1932-1970)de toenmalige heerser wilde het oliegeld vooral gebruiken voor eigen profijt .Zijn zoon echter , Qabous bin Said al Bu Said (1940-2020) was daar niet mee akkoord , en met hulp van de Britten pleegde hij een staatsgreep .Eenmaal aan de macht investeerde hij een groot deel van het geld in eigen land en bevolking , zonder te vergeten zichzelf te verrijken natuurlijk .Onder zijn bewind werden er moskeeën , musea , wegen en dammen gebouwd .De bevolking kreeg gratis onderwijs en ziekenzorg . Voorbeelden zijn de grote moskee , het nationaal museum en het nationaal theater . Ook krijgt ieder Omani , die wil bouwen gratis grond van de regering enz.enz. Erna plant de reis tot in detail op voorhand , vluchten geboekt , hotels en wagen geboekt en gereserveerd , alles is klaar om te vertrekken op 20 jan . Probleemloos met de trein naar Schiphol , waar we Tim ontmoeten . Enkele uurtjes later stijgen we op richting het redelijk onbekende . Rond 7 uur plaatselijke tijd ( in België is het dan 4 uur ’s nachts ) landen we veilig in Muscat . Na een redelijk vlotte bagageafhandeling , kopen we een Omaanse simkaart en helen het maximaal toegestane Rial(300 ) af aan een automaat . Met een taxi rijden we naar het eerste hotel van deze reis , in Muscat . We mogen de bagage achterlaten in de lobby van het hotel . We hadden gelezen dat het interessant was om de ootaxi app (Omaans uber ) te gebruiken . Tim werd aangesteld als it-er .Na installeren app is het tijd om onze eerste , taxi rit te bestellen .Alles gaat zeer vlot , en voor 2 Rial worden we naar de grote moskee in Muscat gebracht . We bezoeken de moskee direct bij aankomst omdat die enkel in de voormiddag te bezoeken is . De werken aan de Sultan Qaboors moskee begonnen in 1992 en werden voltooid rond 2015 .De officiële opening was in 2016 .De immense moskee werd gebouwd met 300.000 ton indische zandsteen .De gebedsruimte meet 74.4 op 74.4 meter , met een centrale koepel van 50 meter hoog .De 4 minaretten hebben een hoogte van 45.5 meter . Binnen is plaats voor 6500 mannelijke gelovigen , en er is ook een gebedsruimte voor 750 vrouwen .Het reusachtige tapijt heeft 1.700.000 knopen en weegt 21 ton . Het 70x60 meter grote tapijt weegt 21 ton en er werd 4 jaar aan gewerkt . In de koepel hangt een enorme , 8 ton zware kroonluchter met 1112 Swarowski kristallen lampen . Het begint redelijk warm te worden en we nemen een taxi naar de zee , waar we in het restaurant Café Farah brunchen .Met zicht op de Perzische golf genieten we volop van de Omaanse gerechten . Op het strand vinden we mooie schelpen en stukjes koraal . Het is zo warm dat we ons per taxi laten voeren naar een 4 km verder gelegen park , in de hoop er schaduwplaatsjes te vinden om te rusten . helaas , weinig bomen en nog minder schaduw .Door een verkeerde Omaanse tip maken we een nodeloze wandeling in de voor ons verzengende hitte . Gelukkig mogen we plaatsnemen in een klein prieeltje , waar een Omaanse vrouw en haar kind thee dronken . Hier maakten we voor de eerste keer de gastvrijheid van de Omanieten mee .We kregen , zonder vragen een deugddoend kopje thee . Tijd voor een korte siësta ,dachten we . Onze kamer kon echter niet op slot , en de lavabo functioneerde niet naar behoren . Ik meldde dat aan de receptie , en 5 minuten later kregen we een luxueuzere kamer aangeboden , wat een service ! . Met de taxi rijden we naar het Qurum Natural park , waar er een groot lichtspectakel plaatsvond . Ietwat te vergelijken met de feeërieke verlichting in de gavers en de grote steden bij ons .Erna en ikzelf moeten niet betalen , 70 plus , Tim betaalt 1.8 rial . We twijfelden of we wel binnen zouden gaan , maar gelukkig besloten we het toch maar te doen . Het was een indrukwekkend gebeuren met laser shows , acrobaten , orkesten muziek en dans , alles in een fancy fair achtige setting .Overal zijn er eetstalletjes van verschillende landen , waaronder Spanje , Frankrijk , Usa ….We eten iets Pakistaans en betalen een habbekrats . Na enkele uurtjes hebben we het ook wel gehad , en gaan terug naar “huis “ met de taxi . Door slaaptekort en tijdsverschil kruipen we vroeg in ons “nest” , na een lange , vermoeiende , maar ook aangename eerste vakantiedag . Na een goede nachtrust en idem dito ontbijt trekken we naar het oude stadsgedeelte van Muscat , aan de haven en de vismijn .Ons doel is de souk te verkennen . Vroeger diende de souk als hub om de waren van overzeese gebieden , zoals China , Indië en Europa , verder te distribueren in het midden oosten .De souk is een doolhof van kleine steegjes en pleintjes , waar je letterlijk van alles kunt kopen , gaande van kledij over juwelen tot specerijen . Noem het en het is te koop . We worden voortdurend aangesproken door de handelaren , die meestal uit Indië of Bangladesh komen om toch maar binnen te gaan in hun winkeltje .Aggressief zijn ze wel niet , maar toch redelijk vervelend .Aan een kraampje koot Erna een shawl in haar favoriete kleur , ik ding toch iets af van de prijs… Na een uurtje zijn we het beu , en wandelen we langs de zeedijk tot aan het nationaal museum . Het enorme museum werd ingehuldigd op 30 juli 2016 , en heeft een oppervlakte van 13.700 km² , Er zijn 14 permanente galerijen , en nog enkele voor tijdelijke tentoonstellingen .Hoewel het een mooie collectie is , en je veel kunt leren over de Omani , is dit toch niet mijn ding . Wel kijk ik vol bewondering naar een spijkerschrift tablet , en naar de vele munten . Erna is gefascineerd door de handgeknoopte tapijten… Bij het binnenkomen had ik gezien dat plus 70 jarigen gratis binnen mogen .Aan de kassa zegde ik trots , twee 70 jarigen en 1 volwassenen , waarop de bediende prompt antwoorde dat dit enkel geldig voor Omani , na nog wat over en weer gepraat zegde de jongedame , veel plezier in het museum strange man . Recht tegenover het museum ligt het megalomane , lelijke koninklijk paleis .Het doet ons denken aan Ceausescu . Met de taxi gaan we terug naar de oude stad , het werd te warm om terug te wandelen . In het “typische “ Omaanse restaurant Bait al Lubin nemen we alle drie een ander hoofdgerecht , en kunnen zo van verschillende streekgerechten proeven .Het ene al beter dan het andere .Voor 3x voorgerecht ; 3x hoofdgerecht en 2x dessert , plus water , betalen we 45 Rial ; ong.90 euro . Na een nacht vol straatlawaai , is het tijd om uit te chequen en de auto af te halen in de luchthaven . We hadden gereserveerd om 11 uur , en we kregen de wagen dan ook geen minuut eerder .De enorm norse , onvriendelijke balie medewerkster behandelde ons als , ja als wat… De bediende aan het afhaalpunt echter was zeer beleefd en behulpzaam .Geduldig legde hij ongeveer alles uit .Uitermate nerveus vertrokken we richting Sur .Het begon al goed , we kregen de slagboom niet omhoog , en moesten al hulp inroepen via een praatpaal . Gelukkig wist Tim hoe hij zijn telefoon kon koppelen met de auto , en zijn google map instellen als gps. Rond Sur doen we een eerste halte om er een wandeling te maken in een wadi .We vinden nog een parkeerplaatsje in de schaduw van de brug , het was er zeer druk . Eerst met een klein bootje de rivier oversteken , en dan een 45 minuten gemakkelijke wandeling in de kloof .Werkelijk spectaculair , we zien ook de Egyptische gier en een valk .Het was mogelijk ,te zwemmen in de verschillende poelen in de wadi . We vervolgen weg 17 door het drukke , uitgestrekte Sur , en komen rond 18 uur aan op ons volgend verblijf .We worden zeer vriendelijk ontvangen in het guesthouse Turtle Guest House in Ras al Jinz. Gelukkig hadden we avondeten bij geboekt , want er was daar niets buiten het hotel en het natuurcentrum .We krijgen een ruime driepersoons kamer , en kunnen avondmalen met een Indische familie .Zelfs lekkere frietjes stonden op het menu .Erna en Tim schreven in om mee te gaan naar een schildpaddenwandeling in het natuurcentrum , ik paste omdat ik te moe was van die stresserende eerste autodag . Te voet trokken de twee naar het 500 meter verder gelegen centrum , maar kwamen direct terug .Te veel volk om naar enkele schildpadden te kijken . Ze hadden gelijk , de Indiërs vertelden dat ze amper 1 schildpadje gezien hadden . Na een goed ontbijt wandelen we naar het schildpadden reservaat .We betalen 2 rial ingang en wandelen op het strand waar we verschillende schildpadden sporen en eierschalen vonden .In 1996 werd er 120 km² ingericht als reservaat , om de naar schatting 20.000 groen zeeschildpadden te beschermen .Het reservaat omvat 2 lagunes ( Knaus al Hazar en Khaur Jamara ) .Er zijn ook talloze archeologische vindplaatsen in het gebied , waaronder zo’n 350 graven . Na uitschrijven op naar de volgende bestemming , een tentenkamp in de zandwoestijn .Onderweg houden we tussenstop in de Wadi Bani Khalio oase , een mooie bergrit ernaar toe , in de oase is er mogelijkheid tot zwemmen , overal staan er kleine tentjes om te verkleden .Jammer genoeg is dit schitterende natuurfenomeen een drukke toeristische bedoening geworden , aangelegde betonnen paadjes , eethuisjes , kortom goed om het eens te zien en er dan zo rap mogelijk weer vandaan . Onderweg naar de zandwoestijn tanken we voor de eerste maal .Benzine is 0.239 per liter , ongeveer een halve euro dus . Via een lange autostrade rit , gevolgd door een korte woestijnpiste met geribbeld hard zand , komen we aan op het tentenkamp . We slapen in een grote tent , wel voorzien van alle comfort die we nodig hebben .We boeken een jeep rit om de zonsondergang in de woestijn mee te maken .We doen aan “duinsurfen” met de jeep , natuurlijk doet de chauffeur er nog een schepje bovenop , maar we genieten er toch wel van .De okerrode zandduinen zijn tot wel 200 meter hoog . Onze chauffeur Mohammed toont ons hoe de Omanieten koffie zetten , met koffie uit een ander land , en vertelt over zijn leven en over de gewoontes en zeden van de streek . ‘s Avonds is er , zoals gewoonlijk in de hotels , buffet avondmaal .Weer een nieuwe ervaring rijker . Na een goed ontbijt vertrekken we voor een lange autorit naar de hangende terrassen in Al’Aqar . Onderweg moeten we langs een steile weg , waar 4x4 aangewezen is .Op een bepaalde plaats staat er politie om identiteit van de passanten op te nemen , en om te controleren of je wel degelijk 4x4 hebt. Onderweg houden we verschillende keer halt om van het landschap te genieten , en om een sanitaire stop te houden in een moskeetje ergens halfweg de route . Rond 14 uur zijn we in ons hotel Al Jabal Al Akhd hotel .We worden verwelkomd met de obligate thee en dadels .Korte wandeling in het gehuchtje , en naar het terras om de zonsondergang te zien . Ongelukkiger wijze waren er veel wolken , en viel het zonnespektakel ietwat tegen .Terug avondmaal in buffet vorm .De hangende terrassen zijn wereld erfgoed van Unesco .Hun irrigatie kanalen, de Falaj , worden tot op heden nog gebruikt , om de terrasjes te bevloeien .Men kweekt er verschillende groenten , en ook is er plaats voor dadel , appelsien en citrus bomen . Na het ontbijt doen we een goed aangeduide rood-geel wandeling door 2 dorpjes , die zeer armoedig lijken .Tot voor kort was er zelfs geen elektriciteit .Onderweg zien we durvers een via ferrata doen op de steile klippen . Tegen de middag terug aan hotel .Na een uurtje rust doen we nog een wandeling naar een rotsplateau , van waar je een mooi uitzicht hebt over de terrassen .De rotsen zijn rijk aan fossielen , ik kan er een kleine inktvis vinden , helaas in een te grote steen om mee te nemen . Erna en Tim gaan nog naar een uitkijkpunt waar wijlen prinses Diana nog gestaan heeft , ik ga naar het terras om te rusten , moe van het vele autorijden de laatste dagen . Ons volgend doel is de fameuze balcony walk in de Omaanse versie van de Grand Canyon . Eerst rijden we naar Fort Bahla , een van de hoogtepunten in Oman .Het fort werd gebouwd in de 12de tot 15de eeuw en diende ter verdediging van de nabijgelegen oase .Wij wandelen rond het enorme lemen kasteel , omdat we gelezen hadden dat er binnen de muren bitter weinig te zien was .Nu nog zijn er resten te zien van de 13 km lange stadsmuur .Het fort is ook Unesco Werelderfgoed . Via een zeer , maar dan ook zeer slechte aardeweg , door wegenwerkzaamheden , en op 4x4 kracht komen we aan op het beginpunt van de canyon wandeling .Deze ligt in het Hadjar gebergte , en heeft als hoogste top de Jebel Shans van 3000 meter . We doen een 45 minuten wandeling tot aan een tweede uitkijkpunt , en genieten van dit indrukwekkende natuurfenomeen .Het is een gemakkelijke wandeling op een pad langs de rotswand van Wadi Gull , op 2000 meter boven de zeespiegel .Op de terugweg zien we de witte Egyptische gieren van zo dichtbij dat we duidelijk de kale kop kunnen zien . Weeral was er redelijk veel volk op deze toeristische pleisterplek . Met een beetje “angst” vatten we de terugtocht aan , schrik dat er iets zou gebeuren met de huurauto , maar alles verliep redelijk vlot , de weg was namelijk geen verrassing meer zoals in het omhoog rijden . Na nog een uurtje op goede wegen komen we aan in Mizfah al Abriyeen , waar ons hotel , het Mizfah Hospital Inn is . We krijgen een mooie kamer , met balkon en zicht op de bergen en op de kasteelruïne van Rohan Castle .Mizfah ligt in een oase met veel palmbomen en wadi’s en is omgeven door redelijk hoge bergen . We moeten de wagen op enkele honderd meter van het hotel zetten , omdat het haast onmogelijk is het dorpje binnen te rijden , zeer nauwe straatjes , steil en druk ,druk druk . Avondmaal in buffetvorm , met zoals altijd keuze uit verschillende streekgerechten . Ook ontbijt idem dito .Na een copieus ontbijt doen we een schitterende wandeling naar een bron van de wadi , en vervolgen de tocht nog een uurtje verder diep de canyon in . Weerom petje af voor de natuurpracht . Na een korte siësta , doen we nog een wandelingetje tussen de palmbomen en de falaj . In de vooravond gaan we mee op een geleid bezoek in het museum van de eigenaar van het hotel .Zeer interessant om te zien en te begrijpen hoe de Omani vroeger leefden , en hoe alles evolueerde tot de huidige moderne toestand .Ik word er nog in de traditionele kledij gezet ,een wit dishdasha kleed met geparfumeerde kwast , en een massar sjaal op mijn hoofd , alles afgewerkt met een geweer . Eentje voor het nageslacht dus .Een ander traditioneel hoedje in Oman is een kumma , mutsje met verschillende patronen en kleuren .Dit laatste is een zeer gegeerd souvenir voor velen . Onderweg naar Nizwa bezoeken we eerst het Jabreen kasteel .Onze gids neemt ons mee door dit mooie kasteel , dat slechts eenmaal bewoond werd door de bouwer in 1692 . Imam Bil’Arab bin , was sultan van de Yaruba dynastie , hij regeerde over de streek , woonde er in zijn kasteel en werd er ook begraven . Vooral opvallend zijn de vele beschilderde originele plafonds , de rechtszaal , de lage kerkers voor mannen , de ietwat hogere cellen voor vrouwen .Er was zelfs een speciale kamer voor zijn paard ! De sultan had slechts een vrouw .In de rechtszaal was er een verborgen plaats waar de soldaten verbleven , zodat ze ten allen tijde konden ingrijpen moest het nodig zijn . Indrukwekkend zicht over de streek van op het vlaggenmast platform . Ook interessant om te zien was het ingenieuze verluchtings systeem , zodat er constant een aangename temperatuur heerste in het slot . Wij waren redelijk vroeg aan het kasteel , en konden in alle rust genieten van de rondleiding , toen we terug naar de auto gingen , stond de parking reeds vol met bussen en wagens . Stilaan werd het tijd om naar Nizwa te rijden , waar we veel verwachten van het stadsbezoek , de geitenmarkt en de souk . Onderweg naar Nizwa doen we de wagen kuisen in een handcarwash , en dit voor 1.5 rial , 3 euro . Na het inchecken, hotel Al Diyar, in de kamer eten we in het hotelrestaurant en nemen we een korte break . Met de taxi naar het oude centrum , waar we kuieren in de souk .De mensen zijn heel vriendelijk en helemaal niet opdringerig .We kopen er enkele souvenirs en specerijen , en doen een wandeling op de oude vestingmuren . We eten in het restaurant van hotel Old Town , op een terras met uitzicht over Nizwa .Ik eet er voor de eerste maal op deze reis dromedaris , lekker maar daarmee is ook alles gezegd .We betalen omgerekend 26 euro voor 3 hoofdschotels en water .Terug naar hotel met de ootaxi . Om 6.30 staan we op , ontbijten en gaan met de taxi terug naar Nizwa om de fameuze geiten en dierenmarkt te zien . Deze dierenmarkt is nu een ware toeristen attractie geworden , toch zie je hoe de handelaren rondlopen met hun geiten , en hoe er luidruchtig onderhandeld worden .Het is een kleurrijk spektakel, interessant is te zien hoe de verschillende stammen andere kledij hebben . Tegen de middag checken we uit en gaan terug naar Muscat voor onze laatste avond in Oman . We hebben geboekt in een zeer goed hotel , Studio M , langs een drukke weg .In het restaurant eten we zelfs eens frietjes!! Na een korte rust nemen we een taxi naar het operagebouw waar we een concert zullen bijwonen . Gelukkig gingen we vroeg genoeg op pad , want onze taxichauffeur vergiste zich van weg , reed achteruit op een autostrade , lapte verkeersregels aan zijn laars , gebruikte pechstroken om abrupt in te voegen , en zette ons niet aan de juiste ingang af ; we slaken een diepe zucht toen we konden uitstappen . Het operagebouw zelf was een gebouw in alle grandeur en luxe , rijkdom van de Omanieten spat er van af .Pech voor ons dat we op een vrijdag het gebouw bezoeken , want de bib en de tentoonstellingen waren niet open (vrijdaggebed) . Zo mooi het gebouw was , zo abominabel was de opvoering .Eerst een pianoconcert van Liszt , door de naar het schijnt wereldberoemde pianiste Helène Mercier samen met een andere pianist .Het was eerder een kakofonie dan een aangenaam hoorspel .Helène sloeg verschillende malen de verkeerde toets aan , de andere pianist had moeite met zijn partituren op de i pad , en speelde als een bezetene , en toen moest het koor nog de negende van Beethoven zingen .Voor ons een complete ramp , veel te vlug tempo , koor en pianisten niet op dezelfde golflengte , sopraan te overheersen , kortom een verkrachting van Beethovens werk. Gelukkig was de terugrit naar het hotel van een andere orde , zoals een taxirit moest zijn . Na een uitgebreid ontbijt , maken we de koffers klaar en trekken ruim op tijd naar de luchthaven .Natuurlijk nemen we een verkeerde ingang en moeten nog een toertje doen rond de luchthaven , voor we de juiste plaats van inleveren vonden .Nu was er wel een beetje spanning , was de wagen in orde , hadden we een verkeersboete gekregen tijdens ons verblijf….. Gelukkig bleek alles tip top te zijn en konden we ons installeren voor enkele uren in de luchthaven . Tim had gevonden hoe we met zelf scan konden inchecken en onze bagage konden afgeven . Zonder problemen door de douanecontrole , en nog enkele uren wachten op de vlucht . Alles perfect op tijd ,op Schiphol uurtje wachten op de trein naar Antwerpen . Terug beetje stress , want de trein werd aangekondigd met enkele minuten vertraging , en we hadden maar 10min in Antwerpen om de trein naar Kortrijk te nemen . Gelukkig hadden we tijd genoeg , en als kers op de taart moesten we via Deinze en Lichterverlde sporen om rond 12.40 aan te komen in Kortrijk . De trein is altijd een beetje reizen . Als besluit kunnen we zeggen dat Oman een ideaal vakantieland is om onze winter even te ontvluchten . Zeer gemakkelijk bereisbaar land , vriendelijke mensen , eens je er bent niet zo duur aangename temperaturen en enorm mooie landschappen , alleen de cultuur die we kennen in het westen ontbrak een beetje , waarschijnlijk omdat we het niet kenden . Mooie 10 daagse gehad Erna had alles tot in de puntjes geregeld Tim deed het fantastisch als IT’er Ik was chauffeur .

zaterdag 1 november 2025

Marville - Verdun - Lac du Der

Marville-Verdun-Lac du Der Na het middageten vertrekken we richting Marville in Frankrijk .We volgen tocht nr 8 , dwars door Lotharingen , uit het boek Omwegen in Frankrijk van Martijn Joosse , isbn 9789083261775 . We komen aan rond 17 uur en vinden een mooi plaatsje aan het kerkhof St Hilaire .(p4n code 417073 ) N 49.457993---O 005.451229 We zullen er in ieder geval geen last hebben van de buren .Het begint reeds te duisteren , en we doen toch een kleine verkenning van dit mooie kerkhof . Na een regennacht bekijken we het kerkhof dat dateert van 1876 iets nauwkeuriger en zien zo een klein gebouwtje dat dienst doet als knekelhuis .Liefst 40.000 schedels en of beenderen zijn hier netje opgestapeld na een restauratie . Van het kerkhof dat op een heuvel ligt , nemen we een smal bospad direct naar dit verrassend stadje Marville .Huizen doen zuiders aan door de geschilderde luiken , leuk .Ook de enorme St Niklaaskerk is de moeite om te bezoeken .Eerste geschriften van de kerk dateren van 1227 , verschillende verbouwingen in de 15de eeuw , en nieuwe toren in 1766 , geven de kerk een grandeur. Binnenin rijkelijke versieringen uit de 15de en 16de eeuw . Het weer blijft slecht en we zoeken binnen activiteiten .Zo komen we in Mormédy terecht , waar er rond enkele huizen een indrukwekkende citadel gebouwd werd op een heuvel .De plaats werd gesticht onder Karel 5 in 1525 .De enorme vijfpuntige ster omwalling staat op het conto van Vauban in 1790 . In de citadel zijn er ook twee tentoonstellingen te zien , de eerste over lokale schrijvers en schilders , de tweede over de geschiedenis van de citadel .Als afsluiter kunnen we ook op de kantelen en in de vesting zelf rondlopen. Leuk slecht weer alternatief . Op enkele km hier vandaan ligt Avioth , een onooglijk klein “gat” , maar met een enorme kerk gewijd aan Maria .De legende wil dat een beeld van de maagd in de bossen gevonden werd in 1110 , die ook wonderlijke krachten zou hebben ….. We trekken door naar Mouzon , waar Erna het vilt museum bezoekt , 6 euro ingang , voor een oudmodisch vervallen koude expositieruimte die niet veel te bieden had .Gelukkig had ik mijn boek . We eindigen de dag in Verdun , waar we kunnen overnachten op de binnenkoer vab Dragées Braquier , een snoepfabriek .(n 49.15970 O 005.39992 .Na een rustige nacht bezoeken we de ateliers van het bedrijf .Eerst kregen we een filmpje over het bedrijf en uitleg hoe de dragees , die hier gemaakt worden , geproduceerd werden .Na de film wandelen we door een gang met aan beide zijden kamers waar de verschillende procedés getoond worden .We wandelen gelijk in een groot aquarium . Uiteraard volgde dan het obligate bezoek aan de snoepwinkel .Het merkwaardigste product dat er gemaakt was , is een chocoladen granaat ,met echt buskruit , die gevuld is met dragées en andere snoepen , en die je dan kan laten ontploffen op tafel . Iets te duur om aan te schaffen , 84 euro voor een granaatje van amper 15 cm hoog . Reeds in 1220 ontdekte een apotheek uit Verdun het procedé om de amandelnoten te coaten met suiker of honing .De Braquier fabriek werd gesticht in 1783 De tocht brengt ons tot in Grand , dat een van de hoogtepunten van de reis zal blijken te zijn .(P4N code 96095) N.48.385765 O 005.490209 .Je kan hier ook overnachten met de camper , met dump , maar een lelijke plaats op een verlate betonplaat dicht bij het amfitheater . We beginnen het bezoek in Grand met een bezoek aan de schitterende Romeinse mosaiek van 232 vierkante meter .Hier kopen we een duo kaartje voor de mozaïek en het theater .Dit pronkstuk werd in de 19de eeuw ontdekt en was bijna volledig intact .Alleen het centrale gedeelte was weg .Wel mooi de 4 roofdieren die dit midden flankeren : een tijger , een panter , een beer en een zwijn . Prachtige geometrische zwart-wit figuren duidelijk gelegd door specialisten . Vervolgens bezoeken we het indrukwekkend amfitheater op wandelafstand .Het reusachtige theater kon wel tot 170000 bezoekers ontvangen .Om het geheel aanschouwelijk te maken , en om de restanten te bewaren , werd een houten constructie opgetrokken die de tribunes echt tot hun recht lieten komen .Een kort filmpje schetst de opgravingen en wederopbouw .Zeker de moeite . In de eerste eeuw na Christus was Grand een belangrijk heiligdom ter ere van Apollo en Grannus . Als laatste stop voor Lac du Der stoppen we in Joinville (P4N code 3228 ) N 48.455599 O 005.14932 . We vinden daar een plaatsje aan een kanaal , mooi , maar wel dicht op elkaar staan is hier de boodschap . In Joinville zijn er verschillende gebouwen in Renaissance stijl , en vele vakwerkhuizen .Eerst wandelen we de heuvel in de stad op , om de ruïnes van een kasteel te zien .Na een steile , korte klim komen we op de plaats waar ooit een kasteel stond .Nu is het een mooie picknick plaats met een prachtig panorama . Het kasteel was gebouwd rond 1027 .Ook de kerk is enigszins de moeite .Verder is er nog een kasteel dat gebouwd was door de markies de Guise .Het kasteel , dat mooi gerestaureerd werd , was uiteindelijk bedoeld als lustprieel vaan de adellijken uit Guise .De tuinen , een renaissance en een landschapstuin zij ook blikvangers . Tijd om naar Lac du Der te gaan , onze bijna jaarlijkse afspraak om de duizenden kraanvogels te bewonderen . We hadden een favoriete slaapplaats dicht bij de kijk hut , ik zegde wel hadden .Vroeger kon je hier gewoon met een bankkaart betalen voor de verbleven nachten , nu moet je eerst lid zijn van een camperclub eer je toegelaten wordt .Het prijskaartje werd ook opgetrokken van 10 naar 15.5 euro , weliswaar met elektriciteit .Ontgoocheld rijden we dan een beetje verder en vinden nog een plaatsje aan de dijk .N 48.58240. 004.70289 . Kleine parking waar we met 5 campers stonden , we konden zo van camper naar camper gaan zo dicht stonden we , maar enfin , we hadden een plaatsje .Nood brengt raad . We hadden van vrienden gehoord dat er een ziekte was onder de kraanvogels , de vogelgriep teisterde deze enorme vogels .En inderdaad zagen we verschillende kadavers liggen , ook konden we kraanvogels bewonderen op enkele meter afstand , de dieren waren apathisch .Normaal vluchten de vogels als je nog maar aanstalten maakt om dichter te komen. Ietwat ontredderd gaan we slapen , en hopen dat we niet wakker gemaakt worden omdat we op een officiële camperplaats stonden . Gelukkig slapen we ongestoord .We vertrekken voor onze traditionele wandeling in de buurt , 6 km goed aangeduid met gele merktekens .Onderweg zien we enkele herten , vele kraanvogels , maar helaas ook veel kadavers .Erna spot een paapje aan een kijk hut . Tijd om naar huis te trekken .Onderweg zien we een aangereden dood everzwijn , en na een rit met 1 uur fileleed zijn we terug thuis , waar de even traditionele frietjes op het menu staan .

zondag 28 september 2025

Viroin vallei

We vertrekken voor enkele dagen Viroinvallei .We volgen een autoroute uit het boek Wallonië en de Ardennen van Kristien Hansenbout isbn 9789056157128 , een tocht van 90 km. De tocht start in Fagnolle , een zogezegd mooi dorp , niet veel te zien , enkel een korte wandeling naar een kasteelruïne aan de Viroin rivier .We rijden verder naar Dourbes , waar een wandeling zou starten aan de kerk naar een ruïne . raar maar waar ; maar we vinden de kerk niet .Via de gps komen we toch op een parking terecht , waar we een korte , maar hevige klim aanvangen naar de burcht .Door het regenachtige herfstweer van de voorbije dagen was het toch redelijk glad .We werden beloond door een mooi uitzicht over de Viroin vallei . We rijden verder naar Nismes , onderweg zien we de overblijfselen van een leerlooierij , die de deuren sloot in 1980 . De overblijfselen zijn zeer fotogeniek .Recht tegenover dit cultureel erfgoed , zien we de heuvel Roche à Lomme , met een indrukwekkend kruis op de top , een landmerk . In Nismes krijgen we info over de streek in de toeristische dienst . Eerst bezoeken we het kleine maar fijne museum van het klein formaat .In dit museum zijn al de kunstwerken geschonken en opgestuurd door artiesten van de gehele wereld , wel een achthonderdtal .Toen wij er waren was er een speciale tentoonstelling van Atsuko Ishîi , die zeer mooie etsen maakt in miniatuurformaat . Daarna doen we een wandelingetje in het mooie kasteelpark Les Jardins d’O , met mooie vijvers en enkele kunstwerken . Er is een betalende camperplek ( 7 euro) nabij het kerkhof , maar we reizen verder naar Marienbourg waar we terecht kunnen op de parking van de brouwerij de la Fagne .(N50.08371—O 004.52451 ) We nemen er een lekker avondmaal (62 euro) De volgende dag keren we terug naar Nismes .We parkeren aan de brug over de Viroin , en doen een zeer goed aangeduide wandeling van 4.5 km naar Le Fondry du Chien .De wandeling start aan het gemeentehuis en is aangeduid met rode rechthoekjes . We genieten van Le Fondry , een indrukwekkende karst kloof . De tocht gaat verder naar Pétigny , we parkeren de wagen (N 50.0244—O 004.533508 ) dicht bij het stuwmeer Ry de Rome .De wandeling rond het meer is ietwat teleurstellend omdat het de gehele tijd over een asfaltweggetje is .We zien massa’s sporen van everzwijnen , maar de dieren zelf krijgen we helaas niet te zien . Op weg naar Rocroy passeren we Brulu-de-Perche , waar Hitler een bunker leit bouwen om van daaruit zijn oorlog te leiden .Spijtig voor ons was de site gesloten door filmopnames , een goede zaak was dat we toch de bunker konden zien , omdat de toegangspoort door het filmgebeuren open stond , een win-win dus . Via Petite Chapelle komen we in Rocroy terecht (N 49.923639—O 004.517217 ) Zeer mooi gelegen air de campingcar net aan de vesten van dit mooie stadje .We doen er een wandeling langs de bezienswaardigheden van dit garnizoenstadje .Vooral de bib was voor ons een mooie verassing . Na een geode nachtrust nemen we een kijkje op de ambachtsmarkt in Rocroy , kopen er brood en zetten de tocht verder . Via Revin komen we in Fumay , het centrum van de leisteenbewerking .Spijtig genoeg was het leisteen museum gesloten .We doen een korte wandeling langs de Maas , en vinden het huis waar we lange tijd geleden overnachtten samen met de Bruneels en de De Conincks .Iets buiten Fumay is het geografisch middelpunt van het Europa der 15 staten te zien . Via Le Mesnil komen we aan in Vierves-sur Viroin , waar we een blauwe wandeling van 6 km doen .Ongelukkiger wijze verliezen we de tekens , en via google maps kunne we toch de tocht volbrengen . Op het kerkhof van Vierves is een indrukwekkend mausoleum te zien van een moedige kasteeldame , die vele mensenlevens redde in de tweede wereldoorlog . De reis gaat verder via Matagne la Petit en Matagne la Grande tot Fagnolle . We zijn van plan om in Vierves nog een laatste stop te doen , maar omdat het die dag een festival du Vapeur was , stoomtrein festival , en de drukte , besluiten we om terug te keren naar huis . We hadden een deugddoende driedaagse achter de rug .

zondag 20 juli 2025

Beloeil - Senlis

België- Frankrijk Beloeuil –Senlis We vertrekken ’s middags richting Beloeil waar we het bekende kasteel willen bezoeken .Er is een mooie parkeerplaats , waar het mogelijk is te overnachten dicht bij het kasteel ende dienst van toerisme (N 50.550333 – O 003.734795 ) . Het kasteel , ook het Belgische Versailles genoemd werd in de 17de eeuw door de prinsen van Ligne verbouwd tot het barokke kasteel dat we nu kennen , de monumentale Engelse tuin werd aangelegd rond 1770 .Het kasteel is bemeubeld en bevat waardevolle kunstvoorwerpen uit de 15de tot 19de eeuw .Vermeldenswaardig is de bibliotheek met ongeveer 20.000 volumes . Een ongeïnteresseerde jonge dame aan de balie verkoopt ons een ingang kaartje van 11 euro per persoon . Het bezoek is een echte tegenvaller , het komt over als een stoffige muffe verzameling oudheid ,zelf de reuk is stoffig .Alleen de schitterend gerestaureerde bibliotheek met de 20.000 volumes is echt de moeite waard . Ook de tuin valt ietwat tegen , mede door het opstellen van verschillende standen voor een parkfeest . We vertrekken dan ook na een rustige nacht . In de toeristische dienst , die wel ok is , krijgen we de raad om het mooie dorpje Aubéchies te bezichtigen .Hert plaatsje staat op de lijst van mooiste plaatsjes in de Ardenne , en wel terecht .Er is een archeologische site te bezoeken met een romeinse villa . We wandelen in het dorpje met mooie gebouwen , laten de site archeologische site voor wat ze is en trekken richting Senlis in Frankrijk . In Senlis is er geen plaats om te overnachten in de camper , dus rijden we verder naar Ermenonville , waar een goede overnachtingsplaats is op een parking dicht bij het kasteel en de tuin van Jean-Jacques Rousseau . ( N 49.1255 – O 002.6930 ).Bakkerij op wandelafstand , Abdij van Chaalis op wandelafstand , park Rousseau op wandelafstand , wat moet je meer hebben . Na een rustige nacht , doen we in de voormiddag een goed aangeduide gele wandeling naar de abdij van Chaalis .Heen en terug 11 km .Ongelukkig voor ons begint het te regenen als we bijna in Chaalis zijn . Vanaf de 7de eeuw was er bewoning van benedictijner monniken .In 1136 werd het een cisterciënzer abdij .Het kasteel op de site herbergt een besheiden museum , deels gewijd aan de laatste particuliere eigenaresse Nélie Jacquemart . Echt een aanrader om dit domein te bezoeken .Tijdens de zomer is er ook een valkenier show , die we niet bezocht hebben .We betalen 10 euro per persoon .In een van de zalen is er ook een evocatie van Jean-Jacques Rousseau , de filosoof . In gietende regen wandelen we terug naar de camper , waar we als toetje aan een frietkraam echte Belgische frieten konden eten .’t Is te zeggen bijna echte Belgische frietjes . Namiddag in de camper door het regenweer .Erna waagt zich toch aan een wandeling in het park Rousseau . Dit park van ongeveer 50 hectaren , dat zijn naam dankt aan de Franse filosoof Jean-Jacques Rousseau( 1712-1778 ) die in Ermenonville leefde de laatste 6 jaar van zijn leven . De markies René de Girardin , die een bewonderaar van Rousseau was , richtte het park in naar ideeën van zijn roman De Nieuwe Heloise . Er staat een graftombe van de schrijver op een eilandje in een vijver , ile des peupliers . Na een kletsnatte dag , rijden we verder naar Crépy en Valois , (N 49.23797 – O 002.89182 ). Er is een goede toeristische dienst , waar we een mooie wandeling door het stadje krijgen .In de 10de eeuw was het de hoofdstad van Valois .Mooi , middeleeuws aandoend stadje , met schitterend e gebouwen , de moeite om er even te stoppen .In de dienst voor toerisme krijgen we de info dat we kunnen overnachten op de bezoekersparking van de Donjon de Vez . Rond de middag komen we aan de parking , middagmalen en gaan om 14 uur , want dan is de opening , naar de toren . Het is een middeleeuwse versterkte woontoren , gebouwd op een motte , een heuvel naast het stadje Vez. Het is een onderdeel van het kasteel uit de 14de eeuw. De bouw startte in 1360 , en was ontworpen door Jean Lenoir .Het bezoek kost 10 euro per persoon , inbegrepen een geleid bezoek aan de Donjon toren . Merkwaardi aan het bezoek is de combinatie van het antieke van het gebouw , en het moderne met een tentoonstelling van moderne kunst , onder ander Buren en Le Witt hebbe er kunstwerken .Monumentale beelden van Robert Couturier sieren het kasteel en het park . Na het kasteelbezoek doen we nog een 11 km lange wandeling rond Vez , met mooie vergezichten op de Donjon en het stadje Vez. Alleen was de hitte moordend .De wandeling was mooi aangeduid met gele tekens . Na de afmattende wandeling nemen we een koude douche , we stonden toch alleen op de parking , waar we een mooie rustige nacht doorbrachten . We vervolgen onze tocht, die we halen uit het boek 52 roadtrips door Frankrijk , blz 364. In Emeville willen we een oude steengroeve bezoeken , waar de stenen van de abdij van Chaalis vandaan kwamen , maar deze was gesloten , enkel te bezoeken na afspraak . De tocht gaat verder via Morienval , Champlieu , St Vaast de Longmont , Raray tot in Senlis . We hebben geluk en vinden nog een parkeerplaatsje dicht bij het centrum . In de dienst voor toerisme krijgen we een Nederlandstalige wandeling .Vooral de kathedraal trekt de aandacht , verder middeleeuws uitziend stadje , dat helemaal niet druk was .Alleen de warmte speelde ons parten . Omdat we geen slaapplaats in de buurt vonden , die ons echt aanstonden , besluiten we maar naar huis te rijden , gelukkig was de airco in orde . We waren thuis rond 18 uur , na een 3 uur durende autorit lang mooie , maar eerder vervelende wegen.

vrijdag 25 april 2025

Spiennes-Bonsecours-Seneffe -Bois le Duc -Binche

België – Spiennes-Belloeil—Bonsecours—Seneffe—Marcinelle—Binche We vertrekken ,’s morgens richting Spiennes , waar we het silex museum bezoeken .Op de parking , (N 50.42127---O 003.97953 ) zou je gerust kunnen overnachten . Het kleine , maar zeer interessante museum , waar de museum pas kan gebruikt worden , is zeker de moeite .Van uit het centrum kun je ook verschillende wandelingen maken in de onmiddellijke omgeving .Omdat het regent , besluiten we verder te rijden naar Belloeil , waar we het kasteel willen bezoeken . Mooie parking , ook om te overnachten (N50.55033—O 003.734797 ).Ongelukkig voor os was het kasteel en park gesloten , als alternatief reden we naar het kasteel van Seneffe ( N50.51515678—O 004.25775 ) waar het niet toegestaan is te overnachten op de parking .We bezoeken het mooie kasteel , ook museumpas kan je hier gebruiken . Op P4N vinden we een mooie overnachtingsplaats aan het oude kanaal Brussel-Charleroi (N 50.577702—O 004.25282 ) We staan op een oude kademuur bij sluis nr 22.In de vooravond doen we nog een 4 km wandeling langs het kanaal . Via de gewone weg , geen autostrade rijden we door het Borinage landschap , met vergane glorie dorpen tot in Bernissart , waar we het iguanodon museum bezoeken . (65 plus 4 euro , volwassenen 5 euro , kinderen onder 12 gratis . Klein maar zeer interessant museum , met een enorme collectie fossielen , en veel info over het vinden , conserveren en transporteren van de iguanodon skeletten .In het museum is één ervan te zien in zijn volle pracht en glorie .Een aanrader .Na het bezoek eten we een frietje in de plaatselijke friterie .We reuze porties . In de toeristische dienst krijgen we een folder met een 11 km wandeling , met enige moeite vinden we het begin van het pad , maar daarna fijne , goed aangeduide wandeling .Onderweg vele blauwe boshyacinten , ook zien we enkele hertjes . We overnachten in Frankrijk , in Condé sur l’Escaut ( N 50.45011—O 003.60127 ) Mooie camperplaats , jammer was er een gure wind en was het eerder kil om te wandelen . Na een stille nacht rijden we naar Houdeng-Aimeries waar we het indrukwekkend gerestaureerde Bois – du – Luc bezoeken .Museumpas ook hier geldig .Met een audiogids bezoeken we de site , we zijn een tweetal uurtjes zoet , en leren veel bij over het ontstaan , ontginnen en leven van deze oude mijnsite . Een gidse stelt ons voor om ook eens heer woonplaats Binche te bezoeken . De parking La Pasture ( N 50.41341 – O 004.17102 ) is een uitstekende plaats om het stadje te bezichtigen . 5 minuten stappen naar het centrum .Ook goed om hier eventueel te overnachten . De toeristische dienst , juist naast het gemeentehuis op de markt , informeert ons terdege over Binche .In goed Nederlands worden we met raad en daad bijgestaan .We krijgen een stadswandeling , die ons door het plaatsje en omgeving loodst .We bewonderen de omwallingen , de oude middeleeuwse straatjes , en de mooie natuur rond het centrum . Rustige rit naar huis zonder al te veel files .

woensdag 16 april 2025

waasland april 2025

België- Waasmunster We vertrekken rond de middag en komen aan in Waasmunster , aan ons gebruikelijk overnachtingsplaatsje aan het haventje .We doen er enkele wandelingen en zien er de blauwborst , blauwe kiekendief , lepelaar , wintertaling en roerdomp .Erna spot een tiental vlindersoorten : groot koolwitje , klein koolwitje , klein geaderd koolwitje , boomblauwtje , dagpauwoog , gehakkelde aurelia , oranjetip , citroenvlinder , landkaartje en bont zandoogje . Na een kalme , ietwat frisse nacht trekken we naar Schele waar we gaan overnachten bij het restaurant Tolhuis Veer .We doen er een wandeling van 15 km verdeeld in twee helften .In de voormiddag steken we de Rupel over met een gratis veer , en bewandelen het noordelijk eiland .Na het middagmaal doen we de rest van de wandeling .We ondervinden enige moeilijkheden omdat een natuurgebied afgesloten is door de grote neerslag van het voorjaar , en door het re introduceren van de otter in het gebied . Na de wandeling drinken we een streekbier , rusten wat in de camper en gaan uit eten in het Veer restaurant .We kiezen beiden voor paling in het groen met frietjes .Frietjes niet vers , en de paling was iets te gaar gekookt bij mij , waardoor de smaak rubberachtig voelde .Geen hoogvlieger dus . Rustige nacht op de parking , en daarna naar Jabbeke , waar we het Permeke museum bezoeken .Een zeer enthousiaste dame geeft uitleg over de site .Erna geniet met volle teugen , voor mij is het iets minder , maar ik hou me dan in stilte bezig in de camper . Tijd om onze vrienden in De Haan te bezoeken .We eten samen met Lieve , en dan met de tram naar het “rusthuis” waar Frans reeds 2 jaar verblijft . Terug met de tram , samen nog een avondmaaltijd en dan naar huis .